Siparipabo aan de Commewijnerivier
suikerplantage(volksnaam : "ma-rika" = morico kreek ?)
linkeroever in 't afvaren
volgorde in 't afvaren: De vier kinderen, De Nieuwe Hoop, Siparipabo, Cannewapibo, Ostage.
De plantage is allang niet meer in productie. Nabij de Oost-West is er lintbebouwing, de rest van het areaal is verlaten. Aan vroeger tijden herinnert nog een gewelfd waterreservoir. Het is een klein waterreservoir, veel kleiner dan vergelijkbare reservoirs in de beneden-Commewijne. Het rivierwater bij Siparipabo is zoet bij neergaand tij, dus veel watervoorraad was er blijkbaar er niet nodig.
chronologie
- 1686 -
- 1737-W. Pedij d'Oude (kaart Lavaux, 1737)
- 1780 - families van Nierop en van Teylingen (inv. ARA NOT 253-190)
- 1793 -M. Hubert en G. van Misp (almanak 1793)
- 1821 - D. G. van Teylingen cs. (almanak 1821)
- 1843 - aan plantage Arendsrust (almanak 1843)
- 1843 - 2001 nader uit te zoeken
- 2001 - familie Francis
1686 -
De suikerplantage Siparipabo is reeds in de 17e eeuw aangelegd. Hij bestaat uit een hoofdplantage en twee annexen, en is blijkbaar na zijn ontstaan gestadig uitgebreid.
De Labadistenkaart uit 1686 vermeldt het bestaan van de plantage, maar noemt de eigenaren niet.
De familie Snelleman was vanaf 1670 tot 1770 eigenaar van de buurplantage Cannewapibo. Via dit gegeven is de eigenaar van Siparipabo enigzins te achterhalen. De kaart van Walraven uit 1715 vermeldt als bewoningsvolgorde in het afvaren: Rentshove, le Rouse, Snelleman
Mogelijk was le Rouse de aanlegger en eerste eigenaar van de plantage. Er is niets over hem bekend. Of is hij misschien Daniel la Rous (ook wel: la Rougie) die sporadisch in de 17e eeuwse archieven opduikt ?
"…1694 maij 22 Daniel La Rous Obit…."
"....1697 augustus 5 in ondertrouw opgenomen Jean André Guiguer J: M: van Louis in Franckrijk met Magdalena La Rous wedue de Jan de Backer. Het laaste gebodt den 25 augustus en den 8 a 14 september in de kerk getrout testes Claas Voisin en Daniel la Rous....."
1737-W. Pedij d'Oude (kaart Lavaux, 1737)
Over Willem Pedy is via de archieven het een en ander bekend. Maar, behalve op de kaart van Lavaux uit 1737, staat hij nergens vermeld als eigenaar van Siparipabo. Het is geheel onbekend wanneer hij in het bezit is gekomen van de plantage.In 1696 huwde Willem Pedy met Maria Hardebil :
In 1711 wordt Willem genoemd als eigenaar van de plantage Appecappe aan de Commewijne. (ARA, NOT inv. no. 153-107) ; Willem en Maria hadden zelf geen kinderen, maar in hun huis groeiden op de tweeling Johanna en Catharina Ridderbag, dochters uit Maria's eerste huwelijk. In 1716 was het feest:
Na het overlijden van Maria Hardebil huwde Willem in 1718 met Catharina Marcus (1695 - 1769), dochter van Erasmus Marcus en Catharina van Ledenburgh :
De doopregisters tot 1730 zijn compleet, en ook dit huwelijk, net als het voorgaande, is kinderloos gebleven. Toch was er wel een kindje in het gezin : Lucretia Brand, dochter uit Catharina's eerste huwelijk.
Willem overleed in 1724, en Catharina betaalde de verplichte kerkgerechtigheid:
In 1737, toen Lavaux de eerste versie van zijn generale kaart van Suriname presenteerde, stond de plantage reeds lang op naam van Catharina,Willem was allang dood en begraven. Desondanks noemt Lavaux Willem Pedij als eigenaar van de plantage. Een vreemde fout op een overigens zeer nauwkeurige kaart.
Catharina Marcus hertrouwde in 1728 met Daniel Pichot, weduwnaar van Sara Swart.
Daniel Pichot was eigenaar van de plantages La Paix aan de Pauluskreek en Penoribo aan de Commewijne.De familie Pichot was een grote eninvloedrijke familie in Suriname, zij hadden in 1770 10 grote plantages in eigendom.
Pichot had 3 kinderen uit zijn vorig huwelijk. In 1731 vertrok het gezin tijdelijk of voorgoed? - naar Amsterdam. ".... Daniel Pichot, met vrouw, dochter, 2 zoontjes en 3 slaven....." Zij vertrokken met het schip Alexander de Grote onder schipper Claas Kok.
Het is niet bekend wanneer Daniel precies is overleden. Het generael kerckeboeck met de overlijdensregisters tussen 1741 en 1751 is verloren gegaan.
In 1770, vele jaren na Daniels dood, staat Catharina op de vijfde kaart van Lavaux vermeld als eigenaresse van de plantages Penoribo en Siparipabo aan de Commewijne, en la Paix aan de Paulus kreek. De informatie is achterhaald, want Catharina was in 1769 overleden:
1780 - families van Nierop en van Teylingen (inv. ARA NOT 253-190)
Het eigendom was sterk verdeeld, ongetwijfeld als gevolg van een erfeniskwestie. Als eigenaren staan genoemd: Henriette Magdalena Schenkenberg, wed: v: mr: J: van Nierop ; Alida Swartendijk, wed: v: mr: W: van Nierop ; mr: G: van Nierop ; mr: M: Hubert, getr: met Dorothea van Teylingen ; jkvr: Margaretha v: Teijlingen ; mr: Dirk Gregorius v: TeijlingenSiparipabo was in die tijd een kleine suikerplantage. De productie geschiedde nog steeds op een ouderwetse manier, met een beestenmolen. Er waren 117 slaven. De heren Leufftink en Sneebeling voerden de administratie. Deze hadden onderling ruzie, en lieten daarom de plantage inventariseren. Ook kwam er een nieuwe directeur, J: Blenderman, maar hiermee was het gekibbel nog niet van de baan. In 1782 waren de eigenaren het zat en stelden een nieuwe administrateur aan, Jaques Docher.
1793 -M. Hubert en G. van Misp (almanak 1793)
De administrateur was Jaques Docher. De gezagvoerder was A: Driesen.1821 - D. G. van Teylingen cs. (almanak 1821)
De directie was in handen van J: J: A: Wigt. De plantage werd geadministreerd door A. van der Kamp en J. P. H. Kleine. In 1830 was de plantage niet meer in gebruik.1843 - aan plantage Arendsrust (almanak 1843)
In 1820 wilden de eigenaren de plantage kwijt, en de administrateurs kregen opdracht tot verkoop. Aangezien de eigendomspapieren ontbraken, werd een nieuwe warrand aangevraagd:
Zo is het dat wij het voorsz: overgemerkt ende positive conform de waarheid bevonden hebben, alsmede ingezien de kaart der uitmeeting door den geswooren landmeeter J: G: R: Bohm in dato 14 februarij ll gecopieerd ; mitsdien vergunnen en concedeeren aan de supplianten om in allodialen en erffelijke eigendom te blijven bezitten de voorm: plantage Siparipabo gelegen aan de rivier Commewijne tot regterhand in het opvaaren zoals dezelve zich thans bevindt, beslaande 2911 akkers gelijk uit de geannexeerde kaart blijkt ; nogthans onder volgende conditien............ "
De verkoop zal wel in 1821 of 22 hebben plaatsgehad. De plantage werd gekocht door Rutgerus Braamcamp, eigenaar van plantage Arentsrust. Sinds die tijd bestond Siparipabo niet langer als een zelfstandige plantage, maar vormde een onderdeel van Arendsrust. De plantage wordt dan ook niet genoemd in de emancipatieregisters van 1863.
De generale grond was in 1843 2911 akkers groot, en dan nog 1034 akkers aan de overzijde der rivier. Als product staat suiker vermeld.
1843 - 2001 nader uit te zoeken
2001 - familie Francis
De plantage is verlaten, maar langs de Morico-kreek en de Oost-West verbinding is bewoning. De familie Francis bezit 80 hectaren in eigendom, maar het is een onoplosbare boedelkwestie geworden. De familie woont op de plantage, langs de Oost-West verbinding.bronnen
databases
Philip Dikland, database oud archief der burgerlijke stand in Surinameinventarisaties:
- 1790 - ARA NOT inv. no. 253 p. 190
-
gegevens: 3912 akkers, suiker, 117 slaven, beestenmolen
eigenaar:Henriette Magdalena Schenkenberg weduwe mr. J: van Nierop ; Alida Swartendijk weduwe mr: G: van Nierop ; mr. M: Hubert, gehuwd met Dorothea van Teylingen ; jnkvr: Margaretha van Teylingen ; mr. Dirk Gregorius van Teijlingen - 1782 - ARA NOT inv. no. 256 p. 301
-
gegevens: 3912 akkers, suiker, 109 slaven
eigenaar:mr. M: Hubert, vrijheer van Hilvarenbeek, Driessen, Riel, en Westelbeers, oud schepen van Rotterdam ; jnkvr. Margaretha van Teijlingen ; mr. D: G: van Teijlingen, heer van Kamerick en Houdijken, raad van Gouda ; Johan Gerbrandt van Nierop, raad in de vroedschap en oud schepen van Rotterdam ; vrouwe Henrietta Magdalena Schenkenberg, wed: van mr: Johan van Nierop.
contact
dhr. Van Daal, district secretaris, Oost-West km: 37 Commewijnedhr. Alwin Francis, Oost-West nabij de Morico-kreek
