de dorpsgemeente Kronenburg aan de Commewijnerivier
rechteroever bij het afvarenvolgorde bij het afvaren: Killenstein, Nut en schadelijk, Brouwerslust, Kroonenburg, (Rijnberk, Schaapstede, de Goede Vriendschap), Marienbosch
stroomafwaarts gaande, de plantages Kroonenburg, Rijnberk, Schaapstede, en de Goede Vriendschap. Tezamen vormen zij de dorpsgemeente Kronenburg. Detail van de kaart van Bakhuys en De Quant uit 1930.
Kroonenburg was oorspronkelijk een koffie- en katoenplantage. De plantage is thans samengevoegd met de "halve" plantages Rijnberk, Schaapstede, en Goede Vriendschap tot de dorpsgemeente Kroonenburg. Van de originele plantagebebouwing is niet veel bewaard gebleven. Er is nog een bakstenen waterreservoir, en 2 kapotte kappa's. De sluis is modern.
Kroonenburg werd uitgegeven als een normale standaardplantage van 500 akkers. De drie plantages Rijnberk, Schaapstede en de Goede Vriendschap zijn ontstaan door verkaveling van 2 plantages van 500 akkers in 4 stukken. Er ontstonden dus "halve" plantages. Dat is ook niet helemaal waar, want de herverdeling was niet evenredig. Het eindresultaat was volgens de uitgiftebrieven als volgt :
Kroonenburg 500 akkers 30 ketting facit
Rijnberk 250 akkers 15 ketting facit
Schaapstede 184 akkers 11 ketting facit
De Goede Vriendschap 250 akkers 15 ketting facit
Gekocht door Marienbosch 348 akkers 21 ketting facit
Marienbosch 500 akkers 30 ketting facit
Hieronder volgt een chronologische geschiedenis van elk der 4 samenstellende plantages.
Kroonenburg
Volksnaam: Domini = ?
- 1745 - Anthoine Jacobus van Harlingen (warrand 1745)
- 1770 - erv: I: van der Gaegh (kaart Lavaux 1770)
- 1793 - wed. G. Luyken, P. Taddel (almanak 1793)
- 1825 - Frans Arthur (almanak 1825)
- 1843 - Thomas Beasly (almanak 1843)
- 1863 - emancipatie ; Insinger en Co. (Amsterdam)
- 1873 - contractarbeid
- 1873 - 1874 I. G. van Emden
- 1884 - 1896 S. van Lierop
- 1920 - 1930 - EBGS
- 1957 - dorpsgemeente Kronenburg
- 2003 -
- 1763 - Pieter Berkhoff (inventarisaties ARA)
- 1793 - 't fonds M. van Arp en comp. (almanak 1793)
- 1825 - R. P. Nebled (almanak 1825)
- 1843 - H. M. Tull (almanak 1843)
- 1863 - emancipatie
- 1770 - J: Schaap (kaart Lavaux 1770)
- 1793 - erven I. H. Schaap (almanak 1793)
- 1825 - erven Schaap (almanak 1825)
- 1843 - boedel A. E. Salomons (almanak 1843)
- 1863 - emancipatie ; John Holliday
- 1758 - Johannes Sohn
- 1793 - N. J. van Bagghen (almanak 1793)
- 1825 - de goede vriendschap is verlaten (almanak 1825)
- 1843 - chirurgijns etablissement. (almanak 1843)
- 1863 - chirurgijns etablissement
1745 - Anthoine Jacobus van Harlingen (warrand 1745)
In 1745 werd aan Anthoine Jacobus van Harlingen een warrand verleend, om ".....erfelijk te moogen besitten 500 akkers land met een face van 30 kettingen aan de rivier, geleegen in de rivier van Commewine aan de linkerhand in 't opvaaren, sijn begin neemende aan de benede scheid lijn van 't land thans uitgegeeven aan Wesselius Brouwer als in huwelijk hebbende de wed: Jan Wriedt ...."
Jacobus van Harlingen is al spoedig daarop gestorven, pas 29 jaar oud. Hij ligt begraven in de Oude Oranje tuin aan het Kerkplein :
"..... Hier onder legt begraaven de heer Anthoine Jacobus Van Harlingen In Sijn Ed: Leeven Raad in den Edelen Hove van Criminele Justitie deeser Colonie Surinamen etc. Gebooren ..2 February 1719 en in den Heere gerust den .. July 1748 ..."
Zijn weduwe hertrouwde in 1749 met Jacobus van Daalen, en na diens overlijden huwde zij ten derde male, ditmaal met Philippe d'Orville.
1770 - erv: I: van der Gaegh (kaart Lavaux 1770)
De eigenaar van Kroonenburg is waarschijnlijk Johannes van der Gaegh. De kerkregisters der gereformeerde kerk vermelden zijn overlijden in 1760 ; verder is er niet veel van hem bekend."....1760-februari 25 Debet Boedel den Eer Waarde Johannes van der Gaeg A kerkegeregtigheid voor 't begraven van hem selfs f 50,- / boete voor 't begraven in de Oranje Thuijn f 600,-..."
1793 - wed. G. Luyken, P. Taddel (almanak 1793)
Gerrit Luyken, de eigenaar van de plantage Kroonenburg, was gehuwd met Engeltje Westerborg. Zij waren aangesloten bij de Lutherse gemeente te Paramaribo. Het echtpaar kreeg tenminste drie kinderen: Jan, die samen met zijn moeder in 1752 naar Suriname reisde, Alida Elisabeth (1757), en Johanna Dorothea (1760). Tot 1771 komt het echtpaar regelmatig voor in de doopregisters van de Lutherse kerk als getuigen.Johanna Dorothea Luyke huwde met Philippus Tadel. Blijkens een doopnotie in de registers van de Lutherse kerk woonde het echtpaar in 1789 te Amsterdam.
1825 - Frans Arthur (almanak 1825)
In 1827 was de plantage nog steeds het bezit van Frans Arthur. Er werd toen koffie geproduceerd. Maar een paar jaar later kwam de plantage onder een Engelse eigenaar, die de plantage converteerde naar suiker. In 1830, toen Teenstra de plantage bezocht om gegevens te verzamelen voor zijn boek, produceerde men al suiker. Het grondbezit bedroeg 725 akkers, en er woonden en werkten 114 slaven. Maar dit aantal zou in de jaren daarop sterk worden opgevoerd. Kroonenburg groeide uit tot één der grootste plantages in Suriname.1843 - Thomas Beasly (almanak 1843)
De directeur was J. M. G. Pruyssenaar ; als administrateurs waren aangesteld H. Kamerling en A. White.1863 - emancipatie ; Insinger en Co. (Amsterdam)
De slavenmacht ten tijde van de emancipatie bestond uit 843 mensen ; de eigenaar was Jacobus Hermanus Insinger (mede-directeur van de Nederlandsche Bank te Amsterdam) als eigenaar van de firma Insinger en Compagnie, gevestigd te Amsterdam. Deze firma was ook nog eigenaar van de plantages Anna Catharina, Barbados, Nieuwegrond, Klein Charlottenburg, Wedersorg, en Zoelen. Insinger ontving als "tegemoetkoming" voor de slaven van Kronenburg het bedrag van f 251.400,- en f 4200,-. De bekende Surinaamse familienamen Burke, Lieveld, Nelson, en Sibelo stammen uit Kroonenburg.1873 - contractarbeid
Insinger kan worden beschouwd als een 19e eeuwse multinational, met belangen over de gehele wereld. Insinger investeerde zowel in de Oost als de West.Maar Insinger heeft niet bijzonder veel geïnvesteerd in Kronenburg. In de periode van 1873 tot 1896 werden slechts 145 brits-indische contractanten aangeworven. Javanen werden niet aangeworven. De nieuwe arbeiders werden ontvangen door de beheerders der plantage, achtereenvolgens:
1873 - 1874 I. G. van Emden
1884 - 1896 S. van Lierop
1920 - 1930 - EBGS
De Evangelische Broeder Gemeente Suriname trachtte een koffie- en rijstverwerkingsbedrijf op poten te zetten. Vanwege voortdurende verliezen werd de plantage weer van de hand gedaan.kerkgebouw der EBGS, in 1990 afgebroken. foto KDV architects uit 1985
1957 - dorpsgemeente Kronenburg
Op een gegeven moment werd de plantage opgekocht door het gouvernement en verkaveld ten behoeve van de kleinlandbouw. Tevens werden een aantal centrale voorzieningen aangelegd, zoals een bestuurskantoor en een rijstschuur. De dorpsgemeente Kronenburg was ontstaan. In 1957 werkte Derrick Ferrier als ressortleider van het departement van landbouw op Kronenbrurg. Hij vertelt:
"..... In 1957 was de rechteroever al in z'n nadagen, maar er was nog volop activiteit. Er waren vier grote dorpsgemeenten: Johanna Margreta, Kronenburg, Hecht en Sterk, en Rijnsdorp. In ieder dorp woonden zeker 400 gezinnen. Er waren scholen, winkels en bioscopen. Alleen al in Kronenburg woonden er 17 onderwijzers. Daarnaast waren er nog de kampongs op de productieplantages.
De kleine landbouw en de grote landbouw sloten naadloos op elkaar aan. In januari t/m maart was de inzaai van de rijst. De mannen ploegden met karbouwen, de vrouwen zetten de bibit uit. Daarna was er in de rijst even niet veel te doen, maar dan begon op de productieplantages de pluk van koffie en cacao. Iedereen was dan daar aan het werk. Dan volgde de eerste rijstoogst, omstreeks augustus, en werden de velden weer klaargemaakt. Daarna volgde de tweede pluk op de plantages.
Hoe zag het er toen uit ? Uitgestrekte rijstvelden, zover het oog reikte. Per landbouwer werd zo'n 2 tot 4 hectare ingezaaid.
In de periode 1920 - 1924 was er een systeem van centrale verwerking ontstaam. De overheid had een aantal grote padischuren geplaatst verspreid over het land. Op Kronenburg, Domburg, Calcutta, en Paradise en nog andere plaatsen. Buiten was een dorsvloer en de eerste droging, binnen werd er nagedroogd. De schuur was verdeeld in compartimenten van zo'n 12 m2, de padi werd daarin gestort en telkens gekeerd, zodat het niet kon broeien of schimmelen. De loods op Kronenburg viel onder mijn beheer. Die had trouwens een andere functie, Op Kronenburg werd zaaizaad geproduceerd. De "Holland" varieteit. Je kon er twee oogsten per jaar mee halen. Het werd door het ministerie aan de boeren verkocht.
Waarom is de rechteroever kapotgegaan ? Er werd niets aan de infrastructuur gedaan, de overheid heeft de zaak volledig verwaarloosd. Terwijl Commewijne en vooral de rechteroever een van de belangrijkste agrarische productiecentra van het land was. Een tweede reden was, dat toen na de oorlog de mechanisatie in de rijst inzette, Commewijne niet mee kon doen. De landbouwbedrijven waren daarvoor te klein, en het netwerk van sloten lag veel dichter opeen dan in Nickerie, zodat het feitelijk niet geschikt was voor tractoren. Commewijne miste de boot. En toen nabij de onafhankelijkheid de mensen bovendien flink bang werden gemaakt door de heren politici, stapte men massaal op het vliegtuig naar Nederland. Feitelijk is 80% van de rechteroever toen geëmigreerd. Woont nu in Hogezand...."
2003 -
Momenteel (2003) zijn er 2 winkels, een schooltje, en wonen er ongeveer 100 mensen. Samen met Rust-en-Werk, Margrita, Alliance, en Bakhie is het de enige bewoonde plaats op de rechteroever van de Commewijne. Rijsbouw is er niet meer, men doet wat aan visserij. Maar het lijkt een aflopende zaak. De jonge mensen trekken weg om hun geluk in de stad te zoeken.
Rhijnberk
volksnaam: "Berkoffoe" = Berkhoff
1763 - Pieter Berkhoff (inventarisaties ARA)
Volgens inventarisaties uit 1763 en 1766 was de eigenaar Pieter Berkhoff. De kleine koffieplantage had een oppervlakte van 250 akkers, en er waren 42 - 46 slaven.
1793 - 't fonds M. van Arp en comp. (almanak 1793)
1825 - R. P. Nebled (almanak 1825)
1843 - H. M. Tull (almanak 1843)
De kostplantage was 362 akkers groot. Tull beheerde zijn bezit zelf.1863 - emancipatie
De plantage wordt niet genoemd in de emancipatieregisters, en was vermoedelijk verlaten ; of was ze inmiddels opgekocht door de eigenaar van Kroonenburg ?
Schaapstede
volksnaam "Skapoe" = Schaap
1770 - J: Schaap (kaart Lavaux 1770)
De eigenaar van Schaapstede, de duitser Johann Heinrich Schafer, verhollandste zijn naam tot Schaap. Hij was een succesvol zakenman, en liet bij zijn dood een miljoenenerfenis na, die aanleiding is geweest tot vele processen. (geg: Oudschans-Dentz, plantagenamen)In Paramaribo woonde hij aan de Waterkant no. 14. Hij overleed in 1764:
" ..... 1764-december 21 Debet Boedel Jan Hendrik Schaep A kerkegeregtigheid voort begraven van hem zelfs door Ands: Reijnsdorp in de N: O: T: f 50,- ....."
1793 - erven I. H. Schaap (almanak 1793)
1825 - erven Schaap (almanak 1825)
1843 - boedel A. E. Salomons (almanak 1843)
De directeur was J. A. Helper ; de administratie werd gevoerd door J. G. Weiler en J. A. de Vries. De plantage was 265 akkers groot, en produceerde koffie.1863 - emancipatie ; John Holliday
De kleine plantage telde 21 slaven, en de eigenaar John Holliday (wonend op de plantage) ontving daarvoor een "tegemoetkoming" van f 6300,-
De Goede Vriendschap
volksnaam: "Zon" = Sohn
1758 - Johannes Sohn
De grond die later Goede Vriendschap zou heten werd in 1758 door de weduwe Strube verkocht aan Johannes Sohn. Sohn vroeg een nieuwe warrand aan:
Sohn overleed in 1766 en werd op de plantage begraven:
"....1766-october 31 Debet Boedel Johannes Sohn A kerkegerechtigheid voor bekentmaaken van zijn overleijden op de plantagie de Goede Vrindschap f 9,- ...."
In 1766, na de dood van Johannes Sohn, werd de plantage geïnventariseerd. Johannes bleek slechts de helft te bezitten ; de andere helft was het eigendom van George Andries Kerman. Sohn had waarschijnlijk geen familie, want hij legateerde zijn helft aan de kinderen van Kerman.
Georg Andries Kerman, eigenaar van de andere helft, was gehuwd met Johanna Cornelia van Thoor. Het ectpaar kreeg 9 kinderen, maar 5 zijn vroeg gestorven :
Nicolaas Andries (1752-1752)
Nicolaas Andries (1752-1758)
Georg Bernhard (1755-1755)
Georg Bernhard (1755-?)
Georg Andries (1758-1765)
Elisabeth Christina Henrietta (1759-?)
Johanna Maria (1761-1761)
Nicolaas Johannes (1762-?)
Christina Maria (1766-?)
Johanna Cornelia, de vrouw van Georg Andries Kerman, overleed in 1781 en werd in de Nieuwe Oranjetuin begraven:
".... 1781-november 21 Debet Boedel Johanna Cornelia van ........gewesen Huijsvrouw van G: A: Kermann A voor 't begraven van haar selfs in de N: O: T: f 59,15 ...."
1793 - N. J. van Bagghen (almanak 1793)
1825 - de goede vriendschap is verlaten (almanak 1825)
1843 - chirurgijns etablissement. (almanak 1843)
1863 - chirurgijns etablissement
- Bronnen
- boeken en artikelen
- databases op het internet
- inventarisaties in het notarieel archief van het NA, den Haag
- archief Dienst der Domeinen te Paramaribo
Bronnen
boeken en artikelen
1.1 - A. Helmanzaken, zending en bezinning, 1968, p.143, 153
1.2 - Fred Oudschans-Dentz
De herkomst en de betekenis van de surinaamse plantagenamen WIG. XXVI, p.153
1.3 - Alex van Stipriaan
Surinaams contrast KITLV, 1993
Hieruit: bronnen betreffende Kroonenburg :
inventarisaties & taxaties: ARA: PWIB, 27
negotiatie, hypotheek, schuld, verkoop: GAA: NA, 12706, 12418
productie, inkomsten, uitgaven: SOB&W 1828 - 1876, 3033
1.4 - Coen Temminck-Groll, Arthur Tjin-A-Djie e.a.
de architectuur van Suriname 1667-1937 - uitg. de Walburg pers, 1973
databases op het internet
2.1 - Philip Dikland oud archief der burgerlijke stand in Suriname2.2 - Heinrich Helstone, Okko ten Hove e.a. - database emancipatieregisters 1863
2.3 - Maurits Hassenkhan e.a. - databases Chinese, Hindustaanse en Javaanse immigratie
inventarisaties in het notarieel archief van het NA, den Haag
4.2 - inventarisaties plantage Rhijnberk1763 - ARA NOT inv. no. 214 p.
gegevens: 250 akkers, koffie, cacao, 42 slaven, NF 48.482,-eigenaar: Pieter Berkhoff
1766 - ARA NOT inv no. 224 p. 013
gegevens: 250 akkers, koffie, 46 slaven, NF 98.114,-eigenaar: Pieter Berkhoff
4.3 - inventarisaties plantage Schaapstede:
1765 - ARA NOT inv. no. 219 p.
gegevens: 183 akkers, koffie, cacao, 55 slaven, NF 79.510,-erflater: Jan Hendrik Schaap
4.4 - inventarisaties De Goede Vriendschap
1766 - ARA NOT inv. no. 224 p. 391
gegevens: 250 akkers, koffie, 54 slaven, NF 79.693,-eigenaar: George Andr: Kerman, gehuwd met Johanna Cornelia van Tooren (1/2 deel) ; wijlen Joh: Soon (1/2 deel). Het gedeelte van Joh: Soon is nagelaten aan de kinderen van G: A: Kerman,
1780 - ARA NOT inv. no. 252 p. 163
gegevens: 362 akkers, koffie & katoen, 72 slaveneigenaren : G: A: Kerman (1/2 deel) en erfgenamen van J: Sohn
1781 - ARA NOT inv. no. 255 p.
gegevens: 362 akkers, koffie & katoen, 71 slaveneigenaar: 1/2 onder sequestratie bij G: A: Kerman en Stierling ; 1/2 deel erven Johannes John
1782 - ARA NOT inv. no. 256 p.
gegevens: 312 akkerseigenaar: Johanna Cornelia van Thorn, overl. echtgenote van G: A: Kerman, eigenaresse 1/2 deel
archief Dienst der Domeinen te Paramaribo
- 1745 - warrand Kroonenburg
- 1762 - warrand Rhijnberk
- 1762 - meetkaart Rhijnberk
- 1772 - warrand achterland Rhijnberk
- 1772 - meetkaart achterland Rhijnberk
- 1762 - warrand Schaapstede
- 1790 - warrand achterland Schaapstede
- 1790 - meetkaart achterland Schaapstede
- 1757 - meetkaart Goede Vriendschap
- 1758 - warrand Goede Vriendschap
- 1772 - meetkaart achterland Goede Vriendschap
1745 - warrand Kroonenburg
Vergunnen en concedeeren mits desen ingevolge en uitkragte der resolutie van haar Ed: Groot Achtb: de Heeren Directeuren deser Colonie dato 6 october 1745 aan den Heer Antonij Jacobus van Harlingen om in allodialen eigendom op te nemen en erfflijk te moogen besitten 500 akkers land met een face van 30 kettingen aan de rivier, geleegen in de rivier van Commewine aan de linkerhand in 't opvaaren, sijn begin neemende met de beneede scheid lijn van het land thans uitgegeeven aan Wesselius Brouwer als in huwelijk hebbende de wed: Jan Wriedt.En sulx op conditien en onder restrictien als volgt namentlijk:
dat hij een terrain van veertig voet breed tusschen de rivier en dit geconcedeerd land sal moeten ongecultiveert laten ten einde altoos wanneer de societeit sulx souden requireeren, hetselve te moeten applaneeren en tot een bequaam land- en rijwege te maken, blijvende nogthans aan den eigenaar gepermitteerd sijn landingplaats op en aan dese gereserveerde veertig voeten te mogen maken en gebruiken, mitsgaders door deselve duikers, kookers of dergelijke tot loosing sijner wateren te mogen steeken, ja, selfs trensen en slooten daardoor tot in de rivier te graven, mits deselve behoorlijk met suffisante bruggens voorsiende ten einde ten tijde hiervorens gemeld altoos te kunnen strekken tot het gerequireerde oogmerk omme daarlangs een land- en rijweg te kunnen maken ;
dat hij verders binnen den tijd van achtien maanden beginnende na de gedaane uitmeting sal daarop setten een bequaam woonhuis ; en dat hij deese vijfhonderd akkers bij continuatie altoos sal moeten sijn en blijven geaffecteert ten minsten tien slaven ; des zal hij ook binnen den tijd van tien jaaren hetzelve land niet mogen verkopen, verhandelen, wegschenken of op eenigerlijk wijse van meester te doen veranderen, ten sij bij versterf of insolventie ; eindelijk sal hij gehouden sijn dese waranden nevens de reets geapprobeerde kaart ter secretarij deser colonie te laten registreeren en ons daar van behoorlijk te doen blijken alles op poene dat het voorsz: vergunde land ipso facto wederom sal vervallen weesen aan de Ed: Societeit.
En ingeval ter eenigertijd nodig soude werden geoordeeld eenig reduit, sterkte, of fortresse aan de mond van de rivier Commewine en Suriname tegensover de Fortresse Amsterdam te leggen tot versekeringe en dekkinge van dit terrain, sal hij gehouden sijn nevens degeene so die bereids bij resolutie van de Ed: Societeit in dato 7 april 1745 approbatie op haarlieden warand hebben geobtineerd, ofwel de novo uitkragte van dien land verkregen hebben, of in toekomende soude verkrijgen, na advenand haaren verkregen akkers land voor drie vierde parten, en de Ed: Societeit voor een vierde part, op de voet als de proportie bij de conventie van 1733 is gereguleerd tot de kosten van dien te contribueeren.
Aldus gedaan en met zegel bekragtigd aan Paramaribo den ......
Accordeert met zijn origineele
Jan Henckeldeij tweede secretaris
1762 - warrand Rhijnberk
Alzoo C: L: H: Bogel als testamentaire en C: H: Pottendorf als geassumeerde executeuren over den testamente van wijlen J: A: Jngenlohe en administrateuren over de nagelatene goederen en effecten, aan ons bij regueste hebben te kennen gegeeven, hoe dat zij in den boedel hadden bevonden een plantagie geleegen aan de rivier Commewijne linkerhand in 't opvaaren tusschen de plantagie Kroonenburg en Schaapstede, genaamt Reigerberg groot 250 akkers met een face van 15 kettingen, dat gem: plantage door wijlen Jngenlohe op publique vendue en executie was gekogt, en wel voedstoods zonder dat hem daarvan kaart of warrand was overgegeven,en dewijl de ingeseetenen van behoorlijke warrand en kaarten van hunne gronden moeten wesen voorsien volgens de placaaten deser landen, zo hadden zij deselve plantagie door den geswoore landmeeter W: van Jeckel doen uijtmeeten, mitsdien waren zij zig keerende tot ons oodmoedigd versoekende dat hun in gemelde qualiteit van de plantagie Reijnsberg een behoorlijke warrand in forma mogte werden verleent, alsmede de kaarten daarvan geapprobeert.
So is 't dat wij het voorschreeven overgemerkt alsmede ingezien de verkoopconditien daarvan aan ons vertoont en het geposeerde conform de waarheid bevonden, mitsdien concedeeren aan C: L: H: Bogel als terstamentair en C: H: Pottendorff als geassumeerde executeuren over den testamente van wijlen J: A: Ingenlohe, omme in allodialen en erffelijken eijgendom te blijven besitten de genoemde plantagie Reijnsberg groot 250 akkers met een face van vijftien kettingen, gelegen aan de rivier Commewijne linkerhand in 't opvaaren tusschen de plantagie Kronenburg en Schaapstede,
onder conditien en restrictien alsvolgt.
Sullen sij qq gehouden zijn de approbatie van dese warrand binnen ses maanden aan Haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren der Edele Geoctroijeerde Societeit deser colonie te versoeken, die binnen twaalf andere maanden aan ons sal moeten werden vertoond,
alsmede dese warrand benevens de geapprobeerde kaarten der uijtmeeting illico ter secretarij deser colonie laaten registreeren, en ons daarvan behoorlijk doen blijken, en dat bij dese 250 akkers land bij continuatie altoos sal moeten zijn en blijven geaffecteerd ten minsten vijf slaaven.
Voorts sullen sij qq copie authenticq van deese warand aan de Heer Raad Fiscaal deser colonie onder recipisse moeten ter hand stellen en deselve recipisse annexeeren bij 't versoek van approbatie op deese warrand aan Hooggemelde Edele Societeit, ten welkers behoeven in cas van verkoop ten allen tijden 't regt van naasting word gereserveert.
Ook sullen sij een terrain van veertig voeten breed tusschen de rivier en dit land moeten laaten ongecultiveert ten eijnde altoos wanneer de Edele Societeijt sulx soude requireeren 't selve moeten applaneeren en tot een bequaame land en reyweg te maken, blijvende nogthans aan hun gepermitteert de landingplaats op en aan dese gereserveerde veertig voeten te mogen maken en gebruijken, mitsgaders door deselve duijkers, kokers of dergelijke tot loosing der wateren te mogen steeken, ja selfs trensen en slooten daardoor tot in de rivier te graven, mits deselve behoorlijk van suffisante bruggen voorsiende, ten eijnde altoos te kunnen strekken tot het gereguireerde oogmerk omme daarlangs een land en rijweg te kunnen maken
en in geval 't ter eeniger tijd nodig zoude werden geoordeeld eenige redouten, sterkte ofte fortresse aan de mond van de rivier Commewijne en Suriname tegens over de fortresse Amsterdam te leggen tot verzekering en dekking van dit terrain, zullen allen diegeene zo die bij dese occassie approbatie op haarlieden warranden hebben geobtineert, ofwel de novo uijt kragten de lande verkregen, of in 't toekomende nog souden verkrijgen, gehouden zijn na advenant haarer verkeegene akkers voor drie parten en d' Edele Societeijd voor een vierde op die voet als de proprotie bij de convensie van 1733 is gereguleert tot de kosten van dien te contribueeren.
Aldus gedaan en met ons zegel bekragtigt alhier aan Paramaribo desen 26 april 1762
/ was getekend / W: Crommelin
/ onderstond / ter ordonnantie van de Heer Gouverneur
/ en getekend / L: Hoogstad gesw: clercq
accordeert met sijn origineel
L: Hoogstad gesw: clercq
De resolutie van Haar Edele Groot Achtbaaren de Heeren Directeuren en de Edele Geoctroijeerde Societeit van Suriname in dato 6 october 1762 waarbij hiervoorenstaande warrand werd geapprobeert is op heden aan ons vertoond.
Actum Paramaribo den 11 julij 1767
/ was getekend / W: Crommelijn
/ onderstond / ter ordonnantie van de heer gouverneur
/ en getekend / F: Gomarus gesw: clercq
Accordeert met sijn origineel
F: Gomarus gesw: clercq
1762 - meetkaart Rhijnberk
Ik ondergeschreven gezworen landmeter dezen kolonie certificeere door deeze op verzoek van de heeren L: N: Bogel en C: H: Pottendorff als qualiteit hebbende over den boedel van A: Jngenlohe gemeeten te hebben een stuk land door voornoemde Ingenlohe gekogt op publieke vendu groot 250 akkers met eene face van 15 kettingen leggende in beneden Commewine aan de linkerhand in het opvaren, de lijnen zich regt noord strekkende zoals de nevenstaande figuur gemerkt met de letters A: B: C: D: het in 't rood aantoont Actum Paramaribo den 8 april 1762/ getekend / C: W: V: Jeckel gesw: landm:
Gezien de nevenstaande kaart der uitmeting door den geswooren landmeeter C: W: van Jeckel gedaan approbeere dezelve in alle zijne leeden en deelen
Actum Paramaribo den 26 april 1762
/ getekend / W: Crommelin
ter ordonnantie van den heer gouverneur
/ getekend / L: Hoogstad gesw: clercg
1772 - warrand achterland Rhijnberk
Alzoo Pieter Berkhoff aan ons bij request heeft te kennen gegeven, dat hij suppliant zig bij requeste aan Haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren der Edele Geoctroijeerde Societeit deze colonie hadde geaddresseert behelsende verzoek om een stuk land agter zijn suppliant plantage Rhijnsberk mee groot twee hondert en vijftig akkers met een face van vijftien kettingen geleegen aan de beneden rivier Commewijne linkerhand in 't opvaren tusschen de plantagien Schaapstede en KronenburgIn welk verzoek haar Edele Groot Achtbare bij resolutie de dato 17 julij dezes jaars gunstiglijk hadden geconsenteerd en mitsdien ons geauthoriseerd en gequalificeert aan hem suppliant ter vergunnen en te concedeeren een stuk land linia recta agter deszelfs plantagie Rhijnberk openleggende, ter diepte van vijf en zeeventig kettingen met zodanige face als voorsz: plantagie is hebbende
Om welke reedenen den suppliant zig was keerende tot ons, ootmoedig verzoekende dat wij aan hem ingevolge resolutie 't voorsz: stuk land geliefden te vergunnen en te concedeeren, en de warand daarvan informa te verleenen
Zo is 't dat wij voorsz: overgemerkt en 't geposeerde conform de waarheid bevonden hebbende ingevolge qualificatie en authorisatie van Haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren der Edele Geoctroijeerde Societeit dezer colonie bij resolutie de dato 17 julij dezes jaars 1771 hiervoren gemeld, en in naam van hoogemelde Edele Societeit mitsdien vergunnen en concedeeren aan Pieter Berkhoff omme in allodialen eigendom op te neemen en erffelijk te mogen bezitten alsmede aan deszelfs plantagie Rhijnberk groot twee hondert en vijftig akkers met een face van vijftien kettingen gelegen aan de beneeden rivier Commewijne linkerhand in 't opvaren tusschen de plantagie Schaapstede en Kronenburg te annexeeren, een stuk land linia recta agter dezelve plantagie openleggende ter diepte van vijf en zeventig kettingen met zodanige face als voornoemde plantagie is hebbende, uitmaakende de nombre van een hondert twaalf en een halve akkers land,
ende zulks onder conditien en restricten als volgt
Zal den opnemer of eigenaar van heden of aan van deze een hondert twaalf en een halve akkers land moeten betaalen een recognitie of canon van vier stuivers hollands geld per akker aan den ontfanger der in en uitgaande regten in der tijd 't zij 't zelve land bebouwd werd of niet, en zo vervolgens jaarlijks op den eersten dag van 't verleenen van deze warand, en dat op poene dat ingevalle dezelve recognitie of canon binnen drie maanden na de vervaldag telkens niet voldaan was, zal moeten betaald worden 't dubbeld van dien en alzo in plaats van vier stuivers, acht stuivers en waarom hij paratelijk zal mogen en moeten werden geexecuteerd
Ook zal hij gehouden zijn de approbatie op deze warand met bijvoeging van een kaart figuratief der strekkingen en belendingen binnen zes maanden van Haar Edele Groot Achtbate de Heeren Directeuren der Edele Geoctroijeerde Societeit dezer colonie te verzoeken / zig reguleeren de na den inhoude van de resolutien van hoogegemelde heeren directeuren in dato 5 maart en 7 meij 1755 / die binnen twaalf andere maanden aan ons zal moeten werden geexhibeert, alsmeede 't zelve behoorlijk te doen uitmeeten en daarvan laaten vervaardigen vier evengelijke kaarten die binnen een jaar na dato dezes aan ons ter approbatie zullen moeten werden gebragt op poene van te verbeuren ten behoeven van ......... en van welks kaarten één voor de Edele Societeit voornoemt, één voor ons, één om neffens deze warand ter secretarij dezer colonie te werden geregistreert, en één voor den eigenaar zal zijn, en dat bij deze een hondert twaalf en een halve akkers land bij continuatie altoos zullen moeten zijn en blijven geaffecteert ten minsten drie stuk slaaven
gelijk hij ook gehouden zal zijn zig te gedragen aan de resolutie van hooggemelde Edele Societeit in dato 3 januarij 1770 omme boven en behalven de resolutie van gouverneur en raaden in dato 22 februarij 1769 waarbij gestatueerd is dat alle de gronden of plantagien zo buiten Paramaribo als in de rivieren waarop zig boven de 75 kopijen slaaven klein of groot mogten bevinden, zullen moeten worden voorzien van twee blanken aan zodanige grond of plantagie geaffecteert en aldaar woonagtig, nog te houden een derde blanke wanneer 't getal der slaaven welke hij op gemelde plantagie heeft tot de een hondeert en twintig beloopt, en zulks bij provisie totdat hieromtrent nadere bepaalingen zullen werden gemaakt ;
en speciaalijk dat ingevalle hij aan de stipulatien in deze vermeld niet en voldoet hij de facto en buiten form van proces van deze concessie zal zijn vervallen en worden gepriveerd en dat 't zelve land weder zal retourneeren in den boesem van de Edele Sociteit om daarmede te handelen zoals bevonden zal worden te behooren, ten welkers behoeven ook in cas van verkoop ten allen tijden 't regt van naasting werd gereserveert
Voortzal hij copie authenticqvan deze warand aan den heer raad fiscaal dezer colonie onder recepisse moeten ter hand stellen en dezelve benevens een der daarvan te makene kaarten annexeeren bij 't verzoek van approbatie op deze warand aan hoogegemelde Edele Societeit, en zal mede gehouden ziijn bij 't verzoek van approbatie op deze warand aan Haaar Edele Groot Achtbare de Heeren Directeuren der Edele Geotroijeerde Societeit dezer colonie te annexeeren copij authenticq der bewijzen van eigendom van voornoemde plantage Rhijnberk aan ons vertoond, ingevolge hoogst derzelven resolutie in dato 2 april dezes jaars 1771
ook zal hij niets vermogen te onderneemen tot nadeel der vrije indiaanen ofte eenige voorige concessien en zo er natuurlijke creecquen door dit land mogten lopen dezelve niet toe te vallen ofte stoppen, maar word verstaan voor een ieder open en vrij te moeten blijven om te kunnen bevaren.
Aldus gedaan en met ons zegel bekragtigd alhier aan Paramaribo dezen thienden december 's jaars zeventien honderd een en zeventig / was get: / Jan Nepveu / onder stond / ter ordonnantie van den heer gouverneur / en get: / Joh: van Gennip gesw: clercq neevens oppositie van 't zegel van den heer gouverneur in rood lak
Accordeert met zijn origineel
/ get: / Joh: van Gennip gesw: clercq
De resolutie van Haar Edele Groot Achtbare de Heeren Direteuren der Edele Geoctroijeerde Societeit dezer colonie in dato 3 junij 1772 waarbij deze vorenstaande warand word geapprobeerd is aan ons op heeden vertoond
Actum Parmaribo 25 augustus 1772
/ was get: / Jan Nepveu / onderstond / ter ordonnatie van den heer govuerneur / en get: / Joh: van Gennip gesw: clercq
Accordeert met zijn origineel
/ get: / John: van Gennip gesw: clercq
voor eensluidend afschrift de secretaris van het gouvernement
1772 - meetkaart achterland Rhijnberk
RhijnbergAchter no. 10
twee kaarten van 't agterland
Ingevolge resolutie van Haar Edele Groot Agtbaare Heeren Directeuren der Geoctroijeerde Societeit deser Colonie in dato den 17 julij 1771 en daarop verleende warrand van den WelEdele Gestrenge Heer Jan Nepveu Gouverneur Generaal deser Colonie &&& in dato den 10 december 1771.
Heb ik ondergeschreevene ten versoeke van den WelEdele Agtbaare Heer Pieter Berkhoff uijtgemeeten zekere een hondert twaalf en 1/2 akkers agterland leggende linea regta agter zijn weds: plantagie Rhijnberk in de rivier Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren tusschen de plantagie Schaapsteede en Kronenburg met een face van 15 kettingen en diepte van 75 kettingen gelijk de bovenstaande figuur gemerkt met de letters A.B.C.D. is exhibeerende.
Paramaribo den 5 februarij 1772
Zulks verklaare hiermeede.
Ad: Hindrk: Helledaij gesworen landmeeter
Gezien de nevenstaande kaart der uitmeetinjg door den geswoore landmeeter Ad: Hindrk: Helledaij gedaan approbeere deselve in allen zijne leeden en deelen
Actum Paramaribo den 30 januarij 1792
J: F: Friderici
Ter ordonnantie van den Heer Commandeur
A: W: Heerds clerk
1762 - warrand Schaapstede
Alzoo Jan Hendrik Schaap oud 52 jaaren, mitsdien Suis Juris, op sig self woonende en zijn eijgen bestaan hebbende, aan ons bij request heeft te kennen gegeven, dat hij door koop eijgenaar was geworden van seeker stuk land groot 183 en 2/3 akkers met een face van 11 kettingen en 17 voeten gelegen in beneden Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren tusschen de gronden van John Sohn en Gol: Kerman in comp: en dat van wijlen M: Zeijler nu P: Berkhoff, alles met meerderen te zien uijt de kaarten der uijtmeting door den geswooren landmeter C: W: van Jeckel in dato 19 meij deser jaars gedaan en door ons op heden geapprobeert.Dan dat hij suppliant geen andere bewijsen van eijgendom daarvan hebbende ofte aan hem en gegeven waren als alleen de geregtelijken koop en transport brief, en evenswel gaarne willende voldoen aan der placcaten desen lande ten dien eijnde geemaneert, zo was hij te raden geworden van sig te keeren tot osn ootmoedigh versoekende dat aan hem van het bovengemelde stuk land een warrand in behoorlijke forma mogte worden verleent.
So is 't dat wij het voorschreven overgemerkt alsmede ingesien de geregtelijke koop en transport brief daarvan aan ons vertoont en het geposeerde conform de waarheijd bevonden, mitsdien concedeeren aan Jan Hendrik Schaap omme in allodialen en erffelijken dijgendom te blijven bezitten het bovengemelde stuk land groot 183 en 2/3 akkers met een face van 11 kettingen en seventien voeten gelegen in beneden Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren tusschen de gronden van Joh: Sohn en G: A: Kerman en comp: en dat van P: Berkhoff,
mits conditien.
Sal hij gehouden zijn de approbatie op dese warrand binnen ses maanden aan Haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren der Edele Geoctroijeerde Societeit deser colonie te versoeken, die binnen twaalf andere maanden aan ons sal moeten werden vertoond, alsmede dese warrand, benevens de geapprobeerde kaarten der uijtmeeting illico ter secretarij deser colonie laaten registreeren, en ons daarvan doen blijken, alles op poene bij placcaaten den 9 junij 1745 gestatueerd.
Mede zal hij copie authenticq van deese warand aan de Heer Raad Fiscaal deser colonie onder recipisse moeten ter hand stellen en deselve recipisse annexeeren bij 't versoek van approbatie op deese warrand aan Hooggemelde Edele Societeit, ten welkers behoeven in cas van verkoop ten allen tijden 't regt van naasting word gereserveert, en dat bij dit stuk land bij continuatie altoos zullen moeten zijn en blijven geaffecteert ten minsten vier slaven.
Ook sal hij een terrain van veertig voeten breed tusschen de rivier en dit land moeten laaten ongecultiveert ten eijnde altoos wanneer de Edele Societeijt sulx soude registreeren 't selve moeten applaneeren en tot een bequaame reijweg te maken, blijvende nogthans aan hem gepermitteert zijn landingplaats op en aan dese gereserveerde veertig voeten te mogen maken en gebruijken, mitsgaders door deselve duijkers, kokers of dergelijke tot loosing zijner wateren te mogen steeken, ja selfs trensen en slooten daardoor tot in de rivier te graven, mits deselve behoorlijk met suffisante bruggen voorsiende, ten eijnde toe altoos te kunnen strekken tot het gereguireerde oogmerk omme daarlangs een land en rijweg te kunnen maken
en in geval 't ter eeniger tijd nodig zoude werden geoordeeld eenige redouten, sterkte ofte fortresse aan de mond van de rivier Commewijne en Suriname tegens over de fortresse Amsterdam te leggen tot verzekering en dekking van dit terrain, zullen allen diegeene zo die bij dese occassie approbatie op haarlieden warranden hebben geobtineert, ofwel de novo uijt kragten de lande verkregen, of in 't toekomende nog souden verkrijgen, gehouden zijn na advenant haarer verkeegene akkers voor drie parten en de Edele Societeijd voor een vierde op die voet als de proprotie bij de convensie van 1733 is gereguleert tot de kosten van dien te contribueeren.
Aldus gedaan en met ons zegel bekragtigt alhier aan Paramaribo desen 28 meij 1762
/ was getekend / W: Crommelin
/ onderstond / ter ordonnantie van de Heer Gouverneur
/ en getekend / L: Hoogstad gesw: clercq
accordeert met sijn origineel
L: Hoogstad gesw: clercq
1790 - warrand achterland Schaapstede
Alzoo J: F: Andre & M: P: Wiltens Andre als administrateuren van de plantagie Schaapstede geleegen in de rivier beneden Commewine Linkerhand in 't opvaaren, aan ons bij request hebben te kennen gegeeven, dat de aan gemelde plantage geconcedeerde landen alle waren bewerkt en gecultiveerd, waardoor gemelde plantage gebrek aan kostlanden had.Dat zij supplianten geinformeerd waren agter genoemde plantage Schaapstede nog onbegeeven land is leggende.
Waaromme zij in hunne voorsz: qualiteit zig keerde tot ons, met eerbiedig versoek aan hun supplianten ten behoeven van de plantage Schaapstede in allodialen eijgendom te vergunnen en te concedeeren 't nog onbegeeven land agter deselve plantage, ofte zo veel meerder of minder als wij mogte goedvinden.
Zoo is 't dat wij 't voorsz: over gemerkt ende positive corform de waarheid bevonden hebbende, alsmeede ingesien de schetskaart door den geswoore landmeeter J: G: R: Bohm in dato 22 februarij deeser jaers van 't voorsz: stuk land gemaakt, mitsdien vergunnen en concedeeren aan J: F: Andre en M: P: Wiltens Andre als administrateuren der plantagie Schaapstede omme in allodialen eijgendom op te neemen en erffelijk te mogen besitten alsmeede aan de plantagie Schaapstede geleegen aan de rivier beneden Commewine ter linkerhand in 't opvaaren (te annexeeren), een stuk land leggende linia recta agter gemelde plantagie ter diepte van 75 kettingen met een face van 11 kettingen 17 voeten uitmakende de nombre van 841/2 akkers,
ende zulks onder conditien en restrictien als volgt.
Zullen zij van heeden aff aan van deese vier en tagtig & een halve akkers land moeten betaalen en recognitie off canon van twee stuijvers hollands geld per akkers aan den ontfanger der in en uijtgaande regten in der tijd, 't sij 't selve land bebouwd werd off niet, en soo vervolgens jaarlijks op den eersten dag van 't verleenen van deese warrand, en dat op poene dat ingevalle deselve recognitie off canon binnen 3 maanden na de vervaldag telkens niet voldaen was, sal moeten betaald worden 't dubbeld van deese en alsoo in plaats van 4 stuijvers 8 stuijvers, en waarvoor sij qq paratelijk sullen moogen en moeten werden geexecuteerd.
Ook zullen zij gehouden sijn de approbatie op warrand met bijvoeging van een kaarte figuratief der strekkingen & belendingen binnen 6 maanden van Haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren en Regeerders deeser colonie te versoeken, zig reguleerende na den inhoude van de resolutien van voorn. Hooggemelde Heeren Directeuren in dato 5 maart en 7 meij 1755, en binnen 12 andere maanden aan ons sal moeten werden geexhibeert
alsmeede 't selve behoorlijk te doen uitmeeten en daarvan laaten vervaardigen vier eevensgelijke kaarten die binnen 12 andere ofte een jaar na dato deeser aan ons ter approbatie sullen moeten werden gebragt op poene van te verbeuren ten behoeven van 't hospitaal alhier voor iedere maand 50 guldens hollands na expiratie van 't jaar, en van welke kaarten één voor heeren Directeuren & Regeerders voornoemt, één voor ons, één om neffens deese warrand ter secretarij deeser colonie te werden geregistreert, en één voor de eijgenaaren qq sal sijn,
en dat bij deese een vier & tagtig een halve akkers bij continuatie altoos moeten sijn verblijven geaffecteerd ten minsten 2 stucx slaaven, alles op poene dat ingevalle sij qq aan de stipulatien in deese vermeld niet en voldoet sij de facto en buiten form van proces van deese concessie sullen sijn vervallen en worden gepriveerd, en dat 't selve land weederom sal retourneeren in den boesem van Heeren Directeuren en Regeerders deesen colonie om daarmeede te handelen sooals bevonden sal worden te behoren, ten welkers behoeven ook in cas van verkoop ten allen tijden 't regt van naasting werd gereserveerd.
Voorts zullen hij copie authenticq van deese warrand aan den heer raad fiscaal deeser colonie onder recepisie moeten ter hand stellen en deselve beneevens één der daarvan te maakene kaarten annexeeren bij 't versoek van approbatie op deese warrand aan Hooggemelde Heeren Directeuren.
En zullen zij qq meede gehouden zijn bij 't versoek van adprobatie op dese warrand aan Haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren en Regeerders deser colonie te annexeeren copie authenticq der bewijsen van eijgendom van voornoemde plantage Schaapstede ingevolge hoogst derselver resolutie de dato 2 april 1771.
Ook zullen zij qq niets vermogen te onderneemen tot nadeel der vrije indiaanen offte eenige vorige concessien alsmeede de creecq helpen schoonhouden volgens de placaaten, en soo er natuurlijke creecquen door dit land mogten loopen deselve niet toe te vallen offte stoppen maar word verstaan door een ieder open & vrij laaten blijven om te kunnen bevaaren.
Aldus gedaan en met ons zegel bekragtigt Paramaribo desen 29 maart 1790
/ was getekend / J: J: Wichers
/ onderstond / ter ordonnantie van de heer gouverneur
/ en getekend / H: Stenhuijs eerste clercq
nevens appositie van 't zegel van de heer gouverneur in rood lak
accordeert met sijn origineel
H: Stenhuijs eerste clercq
De resolutie van Haar Edele Groot Achtbaaren de Heeren Directeuren en Regeerder deser colonie in dato 21 october 1790, waarbij hiervoorenstaande warrand werd geapprobeert is op heden aan ons vertoond.
Paramaribo den 24 maart 1791
/ was getekend / J: F: Friderici
/ onderstond / ter ordonnantie van de heer commandeur
/ en getekend / H: Stenhuijs eerste clercq
Accordeert met sijn origineel
H: Stenhuijs eerste clercq
1790 - meetkaart achterland Schaapstede
Commewijne (beneden)Schaapstede
folio 67
Ingevolge warrand de dato 29 maart 1790 verleent van zijne HoogEdele Gestrenge den Heer en Mr: J: G: Wichers Generaal Major van den Staat der Vereenigde Neederlanden Gouverneur Generaal over de Colonie Surinaamen, Rivieren en Districten van dien mitsgaders Collonel en Cheff der gesaamentlijken Trouppes ten diensten deser landen &&& aan de WelEdele Agtbaare Heeren J: F: Andree en M: P: Wiltens Andree als administrateuren der plantage Schaapsteede geleegen aan de rivier beneeden Commewijne linkerhand in 't opvaaren tusschen de plantage de Goede Vriendschap en de plantagie Rijnberk, heeft den ondergeschreeven geswoore landmeeter ter requisitie van bovengemelde Heeren J: F: Andree en M: P: Wiltens Andree uijtmeeten voor en ten behoeven voorgemelde plantage Schaapsteede een stuk agterland leggende linia recta agter gemelde plantagie ter diepte van 75 kettingen met een face van 11 kettingen en 17 voeten uitmaakende de nombre van 84 1/2 akkers zoals de bovenstaande figuur ABCD breedvoerig aanwijst.
Actum Paramaribo den 1 junij 1790
J: G: R: Bohm
Gezien de bovenstaande kaart der uitmeeting door den geswoore landmeeter J: G: R: Bohm gemaakt adprobeeren deselve in alle sijne leeden en deelen.
Paramaribo den 24 maart 1791
J: F: Friderici
Ter ordonnantie van den Heer Commandeur
H: Stenhuijs
1757 - meetkaart Goede Vriendschap
Commewijne (beneden)De Goede Vriendschap
folio 135
Ten versoeke van Monsseur Joh: Sohn hebbe ik gemeeten een gedeelte van een Massa der twee stuk(ken grond), een ijder stuk groot vijfhonderd akkers, gelegen en in de Commewine aan de linkerhand in 't opvaaren, dewelke gedeelte begint 21 kettingen boven de scheijdlinie van de plantagie van den WelEdele Achtbare Heer Jsack Godefroij met een facie van 15 ketting groot 250 akkers gekogt op de publicque vendue in dato den 1 november 1757 volgens lijst no. 493
Actum Paramaribo den 26 ........1757
G: Schelling gesworen landmeeter
Gezien de nevenstaande kaarte der uijtmeeting door den geswoore landmeeter G: L: Schelling gedaan approbeere deselve in allen sijne leeden en deelen
Actum Paramaribo den 27 september 1758
W: Crommelin
Ter ordonnantie van den Heer Gouverneur
F: E: Becker
1758 - warrand Goede Vriendschap
Alsoo Johannes Sohn aan ons bij requeste heeft te kennen gegeven, hoedat hij bij koop op publique vendue was eijgenaar geworden van seeker stuk land ter groote van 249 ackers met een face van 15 kettingen ingevolge vendue lijst aan ons vertoond, sijnde een gedeelte van seekere 2 gronden groot 1000 akkers in de uijtgeeving van gemelde lands beteekent met no. 15, 16 ; dewelke door den toen sijnde prov: Raad Fiscaal de heer Jan Nepveu ten behoeve der Edele Societeijt verkogt sijnde geworden, waarvan kooper was gebleeven de Edele Agtb: heer W: C: Strube en als nu door desselfs weed: in perceelen verdeelt en also verkogt, leggend dit stuk land 21 kettingen booven de schijdlijn van de plantagie van S: S: Godefroij in de rivier Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren alles breeder bij de kaarten in dato 26 december 1757 door den geswooren landmeeter G: Schilling uijtgemeeten gespecificeerd en bij ons in dato 20 september 1758 geapprobeert.Dog also geen warrand bij gemelde verkooping was overgegeven en evenswel daarvan moesten voorsien sijn ingevolge placcaat dese lande so was hij te raade geworden van sig te keeren tot ons, oodmoedig versoekende dat aan hem van 't voorsz: perceel land een warrand in forma moogen werden verleend.
So is 't dat wij 't voorsz: overgemerkt mitsdien concedeeren aan John: Sohn omme in allodialen en erffelijke eijgendom te blijven bezitten 't gementioneerde perceel lands ter groote van twee hondert neegen en veertig akkers met een face van vijftien kettingen leggende in de rivier Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren een twintig kettingen boven de scheijdlijn van de placaat van Js: Godefroij
mits conditien
Dat hij deese warrand neffens de geapprobeerde kaarten illico ter secretarij deser colonie sal doen registreeren en ons daarvan doen blijken, alsmede copie authenticq van deese warrand aan den Heer Raad Fiscaal deeser colonie ter hand stellen, en word voorts ten allen tijden in cas van verkoop het regt van naasting ten behoeve der Edele Societeit gereserveerd, en sullen bij dit stuk land altoos moeten sijn en blijven geaffecteerd ten minsten vijf slaven.
Ook sal hij een terrain van veertig voeten breeed tusschen de rivier en dit land moeten laaten ongecultiveerd ten eijnde altoos wanneer de Ed: Societeijt sulks soude requireeren, 't selve moeten applaneeren en tot een bequaam land en rijweg te maaken, blijvende nogthans aan hem gepermitteerd sijn landingplaats op en aan deese gereserveerde veertig voeten te mogen maaken en gebruijken.
Mitsgaders door deselve duijkers, kokers of dergelijke tot loosing sijner wateren te mogen steeken (niet leesbaar) trensen en slooten daardoor tot in de rivier te graven, mits deselve behoorlijk met suffisante bruggens voorsiende ten eijnde ten tijde hiervooren gemeld altoos te kunnen strekken tot het gerequireerde oogmerk, omme daar langs een land of rijweg te kunnen maaken.
En ingeval 't ter eeniger tijd nodige soude werden geoordeeld eenige redout sterkte ofte fortresse aan de mond van de rivier Commewine en Suriname teegens over de Fortresse Amsterdam te leggen tot verseekering en dekkinge van dit terrain, sullen alle diengeene so dien bij deese occasie approbatie op haar lieden warranden hebben geobtineerd, of wel de novo uijtkragten deser lande verkreegen, of in het toekomende nog souden verkrijgen, gehouden sijn na advenant haarer verkreegene akkers voor drie parten en de Edele Societeit voor een vierde part op de voet als de proportie bij de conventie van 1733 is gereguleerd tot de kosten van dien te contribueeren.
Aldus gedaan en met ons zegel bekragtigt.
Actum Paramaribo den 28 september 1758
/ was getekend / W: Crommelin
/ onderstond / ter ordonnantie van den Heer Gouverneur
/ en getekend / F: E: Becker
nevens appositie van 't zegel van den Heer Gouverneur in rood lak
Accordeert met zijn origineel
F: E: Becker
1772 - meetkaart achterland Goede Vriendschap
Commewijne (beneden)De Goede Vriendschap
folio 4
Ingevolge resolutie van Haar Edele Groot Agtbaare Heeren Directeuren der Geoctroijeerde Societeit deser Colonie in dato den 17 julij 1771, en daarop verleende warrand van den WelEdele Gestrenge Heer Jan Nepveu Gouverneur Generaal deser Colonie &&& in dato den 10 febuarij 1772.
Heb ik ondergeschreevene ten versoeke van den Heer Georgie Andries Kerman als eijgenaar van de helfte en in qualiteit als voogd zijnde over de erven van wijlen Johannes Sohn neffens den Edele Agtbaare Heer C: H: Pottendorff voor de andere helfte, in de plantagie De Goede Vriendschap uijtgemeeten zeekere 112 1/2 akkers land leggende linea regta agter gemelde plantagie De Goede Vriendschap aan de linkerhand in 't opvaaren van de rivier Commewijne tusschen de plantagien Marienbosch en Schaapsteede, met een diepte van 75 kettingen en 15 kettingen face gelijk de neffenstaande figuur en uijtmeeting gemerkt met de letters ABCD is exhibeerende.
Paramaribo den 18 februarij 1772
Zulks verklaare hiermeede.
Ad: Hindrk: Helledaij gesworen landmeeter
Gezien de nevenstaande kaart der uitmeetinjg door den geswoore landmeeter Ad: Hindrk: Helledaij gedaan approbeere deselve in allen zijne leeden en deelen
Actum Paramaribo den 25 februarij 1772
Jan Nepveu
Ter ordonnantie van den Heer Gouverneur
Joh: van Gennep gesworen clercq
