koffieplantage Guadeloupe aan de Commewijnerivier
volksnaam "Spierien" = Spieringrechterhand in het afvaren
volgorde: Marienbosch ; Guadeloupe ; Frederiksdorp
plantage Guadeloupe op de kaart van Bakhuys en De Quant uit 1930.
- Chronologie
- Bronnen
- databases op het internet
- ARA, notarieel archief suriname, plantageinventarisaties
- archief Dienst der Domeinen, Paramaribo
Chronologie
- 1747 - Henrij de la Croix Desouihes.
- 1756 - Francina Swart, wed. Bn. Duselle (ARA NOT inv. no. 199 p. 267)
- 1769 - vergroting
- 1770 - I. B. du Peyrou (kaart Lavaux 1770)
- 1793 - J. P. du Peyrou (almanak 1793)
- 1821 - J. P. H. Kleine nom. ux., J. M. J. J. Z. Z. Spiering (almanak 1821)
- 1843 - erven F. H. Spiering (almanak 1843)
- 1863 - emancipatie
- 1889 - wed. J. J. Ooijkaas geb. van Casteren
- 1880 J. F. Green / P. van Spall 99
- 1884 wed. J. J. Ooijkaas
- 1903 J. F. Green
- 1909 S. Samson (eigenaresse)
- 1928 Th. E. Waller, beheerder der plantage Guadeloupe
- 1929 - 1999 - nader uit te zoeken
- 1999 en daarna de familie Baghwat
1747 - Henrij de la Croix Desouihes.
De warrand van de uitgifte is nog niet achterhaald, maar wel het meetcertificaat van landmeter Gardin uit 1746:"... Ik ondergeschreven geswooren landmeeter (heb) gemeeten een stuk land no. 18 groot vijfhondert akkers geleegen in Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren tussen het land no. 17 van de Heer Jsaak Godeffroij en no. 19 van de heer J: F: Knoffel, bij looting te beurte gevallen aan de Heer Henrij De La Croix De Souches, alles ingevolge den warrand door de Edele Geoctroijeerde Societeijt van Suriname in dato ......aan de selve verleent zo als de figuur ABCD aanwijst.
Actum Paramaribo den 29 september 1746, P: Gardin gesworen landmeeter ..."
meetkaart uit 1746 van de 1e concessie, door landmeter Pierre Gardin.
Henry de la Croix Desouches de aanlegger / eigenaar van Guadeloupe. Van hem is niets bekend, hij komt niet in de Surinaamse archieven voor.
Overigens is de naam de la Croix een zeer oude naam in de kolonie. Reeds in 1686 (labadistenkaart) was ene La Croix eigenaar van een plantage aan de "Bottel kreek", de verbindingskreek tussen Commewijne en Cottica . Waarschijnlijk is dit de latere plantage "De Hoop" aan de Perica. Verder komt in de kerkeboeken Francina de la Croix voor, vanaf 1722 gehuwd met Pieter Winne. Dan is er Isaac de la Croix, rooimeester der melasse en eigenaar van plantage Campenburg. En tenslotte is de naam P. H. de De Lacroix bekend, wiens vrouw Anthoinette Mala (1686-1747) in de hervormde kerk ligt begraven.
1756 - Francina Swart, wed. Bn. Duselle (ARA NOT inv. no. 199 p. 267)
Francina Swart was geboren op het eiland Guadeloupe, en daarmee is de naam van de plantage verklaard. In 1723 huwde zij met Benjamin Ducelle:
"... 1723 oktober 15 ondertrouwt Benjamin Dusselle J: M: geb: van Amsterdam, met Francina Swart J: D: geb: in Guardeloupe aan de fransche Eijlanden, den 31 d: bevestigt in de kerk Abm: Aegid: Engel ...."
Veel is er niet bekend over het echtpaar ; Benjamin Ducelle was diaken der gereformeerde gemeente, en eigenaar van de koffieplantages Guadeloupe aan de Commewijne en Patience aan de Cottica.
Benjamin's dood staat niet geregistreerd in de bewaard gebleven archieven. Hij overleed geruime tijd voor zijn vrouw. Francina overleed in 1756:
"..... 1756-augustus 9 Debet den boedel wed: wijlen B: Duselle A 't begraven van haar Ed: selfs in d' Oranje thuijn f 50,- (extra boete ingevolge resolurie van den Ed: Hove f 500,- holl: f.600,-) ...."
Waarschijnlijk is de plantage spoedig na Francina's dood verkocht. De nieuwe eigenaar was Jean Benjamin Du Peyrou.
1769 - vergroting
In 1669 werd een strook achterland van 225 akkers toegekend aan de plantage. Het totale grondoppervlak werd daarmee 725 akkers. In 1772 werd de meting om de een of andere reden herhaald. Onderstaand het meetcertificaat uit 1772:
"... Ingevolge warrand door de WelEdele Gestrenge Heer Jan Nepveu Gouverneur Generaal deser Colonie &&& verleend aan de Heer F: L: Chaillet qq weegens den Heer Jean Benjamin du Peijrou in dato 26 junij 1772.
En op ordre van dezelve heb ik ondergeschreven agter deszelf plantage Guadoloupe geleegen in de rivier Commewine aan de linkerhand in het opvaaren tusschen de plantage Frederiksdorp en Marienbos afgemeeten 225 akkers met 30 kettingen facade & 75 kettingen diepte alles zo en in diervoegen als de boovenstaande figuur ABCD is exhibeerende.
Actum Paramaribo den 13 augustus 1772, F: Lieftinck geexam: landm. ..." (archief Dienst der Domeinen, Paramaribo)
Meetkaart uit 1769 van de 2e concessie door landmeter F. Lieftinck.
1770 - I. B. du Peyrou (kaart Lavaux 1770)
Ook de plantages Montserrat aan de Cottica, La Bonne Amitie aan de Para, en Picardie aan de Commewijne behoorden aan de familie Dupeyrou.1793 - J. P. du Peyrou (almanak 1793)
De plantage werd geadministreerd door H. M. Wolff en J. Vieira ; de directeur was Ahrends. De plantage produceerde koffie en katoen.1821 - J. P. H. Kleine nom. ux., J. M. J. J. Z. Z. Spiering (almanak 1821)
De plantage was 725 akkers groot en produceerde koffie en cacao. De directeur was G. H. Hempel ; J. P. Kleine was de administrateur. In 1830 bestond de slavenbevolking uit 161 mensen.
1843 - erven F. H. Spiering (almanak 1843)
De directeur was P. May ; De administrateurs F. G. Pichot l'Espinasse, F. L. Pichot , F. P. Penard en C. Bylaart. Guadaloupe was in die tijd een grote koffieplantage met 168 slaven.1863 - emancipatie
De "tegemoetkoming" bedroeg tegemoetkoming f 40.800,- en f 600,- voor een slavenmacht groot 136 mensen. De eigenaren waren :Jacoba Maurina de Mey geb. Spiering (rentenierster, 1/2 deel)
Johanna Elisabeth Philippina Kleine (1/5 deel)
Wilhelmina Henriette Kleine (rentenierster, 1/5 deel)
Jan Frederik Hubert Kleine (officier der infanterie te Natal, 1/10 deel)
1889 - wed. J. J. Ooijkaas geb. van Casteren
De plantage was 362 hectaren groot, waarvan 45 in cultuur. C. H. H. Ooijkaas was de beheerder in Suriname. De plantage was nauwelijks in productie, en leverde wat bananen en wat cacao.
In de periode 1880 - 1909 werd een bescheiden aantal van 29 brits-indische en 17 javaanse contractanten aangeworven voor de plantage. De eigenaren / beheerders in die periode waren :
1880 J. F. Green / P. van Spall 99
1884 wed. J. J. Ooijkaas
1903 J. F. Green
1909 S. Samson (eigenaresse)
1928 Th. E. Waller, beheerder der plantage Guadeloupe
1929 - 1999 - nader uit te zoeken
1999 en daarna de familie Baghwat
De eigenaar Baghwat gebruikt de plantage als visvijver. Een leuke hobby, dat vissen. Hij houdt de sluis dicht en laat de polder vollopen. In 1999 leidde deze praktijk tot grote schade voor buurplantage Frederiksdorp. Het water kwam over de scheidingsdam heen, en Frederiksdorp werd onder water gezet en verloor al z'n aanplant. Baghwat weigerde de schade te betalen.De verwaarloosde bakstenen sluis is het enige restant van de oude plantage.
Bronnen
databases op het internet
2.1 - Philip Dikland oud archief der burgerlijke stand in Suriname
2.2 - Heinrich Helstone, Okko ten Hove e.a. - database emancipatieregisters 1863
2.3 - Maurits Hassenkhan e.a. - databases Chinese, Hindustaanse en Javaanse immigratie
ARA, notarieel archief suriname, plantageinventarisaties
1756 ; inv. no. 199 p. 267
ligging: Commewijne aan de linkerhand tussen de plantages van Isak Godeffroij en van Johan Fredrick Knöffelgegevens : 500 akkers, 76 slaven, koffie, bananen, weidegrond, moestuin, tayer, koren, schapen, varkens, taxatie: F 86.800,14
eigenaar / erflater: Francina Swart, wed. Bn. Duselle ; 7 slaven zijn van Paramaribo naar de plantage overgebracht na de dood van wed: Dusselle
archief Dienst der Domeinen, Paramaribo
1746 - meetkaart
Commewijne (beneden)Quadeloupe
folio 73
Uijtkragte der ordres van den WelEdele Gestrengen Heer de Heeren en Mr: J: J: Mauricius Gouverneur Generaal deser Colonie Suriname Rivieren en Districtien van dien &&& in dato 4 augustus 1746 heb Ik ondergeschreven geswooren landmeeter gemeeten een stuk land no. 18 groot vijfhondert akkers geleegen in Commewijne aan de linkerhand in 't opvaaren tussen het land no. 17 van de Heer Jsaak Godeffroij en no. 19 van de heer J: F: Knoffel, bij looting te beurte gevallen aan de Heer Henrij De La Croix De Souches, alles ingevolge den warrand door de Edele Geoctroijeerde Societeijt van Suriname in dato ......aan de selve verleent zo als de figuur ABCD aanwijst.
Actum Paramaribo den 29 september 1746
P: Gardin gesworen landmeeter
1769 - meetkaart 2e concessie
Commewijne (beneden)Quadeloupe
Ingevolge apointement door de WelEdele Gestrenge Heer Jan Nepveu Gouverneur Generaal ad interim over deser Colonie &&& verleend op 't request van F: L: Chaillet qq in dato den 23 december 1768.
En op ordre van dezelve heb ik ondergeschreven uijtgemeeten geprojecteerd enafgeteekend zodanig 500 akkers land als agter deszelf plantage Guadoloupe (geleegen in de beneden Commewine aan de regterhand in het opvaaren tusschen de plantage Frederiksdorp en Marienbos afblijvende de agterlijn pls minus 450 kettingen van de modderbank mangroe van de zee) nog onbegeeven zijn openleggende met 30 kettingen face alles zo en in diervoegen als de nevenstaande figuur ABCD is exhibeerende.
Zulks verklaare hiermeede
Actum Paramaribo den 12 februarij 1769
F: Lieftinck geexam: en .........
