plantages Sinabo en Gelre aan de Commetuanekreek
Volksnaam: "Ganda" of "Granda" = Granman = gouverneur van der Veen.linkerhand in het opvaren (hoofdplantage)
volgorde: Dageraat ; Gelre ; Sinabo ; la Solitude ; Oosterhuysen
plantage Sinabo op de kaart van Bakhuys en De Quant uit 1930
Van de suikerplantage Sinabo en aangelegen koffiegrond Gelre is helemaal niets bewaard gebleven. De Oost-West verbindingsweg loopt thans erdoorheen, en aan weerszijden van de weg hebben zich mensen gevestigd.
- Chronologie
- boeken en artikelen
- databases:
- plantageinventarisaties in het oud notarieel archief (NA, 's Gravenhage)
Chronologie
- 1686
- 1702 - 1737 - Paulus van der Veen en Magdalena van Gelre
- 1743 - de behandeling van de slaven (Beeldsnijder 1994, p. 244-46)
- 1770 - mevr. Boreel, Bikker (kaart Lavaux 1770)
- 1775 - Samuel Fellman
- 1793 - I. F. Beaufort cs. (almanak 1793)
- 1821 - M. Broen Mz.qq. (almanak 1821)
- 1843 - Mr. J.H. de Lange & M. Broen Mz. (almanak 1843)
- 1863 - emancipatie
- 1863 - 2004 - nader uit te zoeken
- 2005 -
1686
De plantages Sinabo en Gelre komen al voor op de z.g. Labadistenkaart van 1686. De namen van de plantages worden niet genoemd, wel die der eigenaren:Bruin (rechterhand in het opvaren)
Darbij (linkerhand in het opvaren)
1702 - 1737 - Paulus van der Veen en Magdalena van Gelre
In 1702 werd de plantage Sinabo aangekocht door gouverneur Paulus van der Veen en zijn zwageres Magdalena Maria van Gelder.
Magdalena Maria van Gelder, weduwe van de kapitein in het Staatse leger André Boxel, had toen al ervaring opgedaan met de plantagelandbouw. In 1697 was zij de plantage Boxel aan de Surinamerivier begonnen. Zij bleef tot 1709 in Suriname, maar ook na haar terugkeer naar Holland bleef zij haar aandacht geven aan haar bezit in Suriname.
In het jaar 1735 stelde Magdalena een memorie op met raadgevingen voor emigranten naar Suriname. Haar nuchtere en zakelijke aanwijzingen geven een goed beeld van de grote kennis en ervaring waarmee in die tijd vele grote plantages werden aangelegd. Hieronder volgen haar aanwijzingen omtrent de behandeling der slaven:
Men moet de negers geen ongelijck doen, maer se in ontsagh houden en alsse wel doen al wat soute vleys of bakeljaau deelen......"
Paulus van der Veen, gehuwd met Anna van Gelder de zuster van Magdalena was gouverneur van Suriname van Mei 1696 t/m Maart 1707. Hij ondervond dezelfde moeilijkheden met de Raad van Politie als zijn voorgangers Sommelsdijck en Van Scharphuijsen. Toch heeft hij het elf jaar volgehouden, langer dan zijn voorgangers. Over zijn bestuur is opmerkelijk weinig bekend, feitelijk een gunstig teken, want het betekende dat het getwist binnen de perken bleef en de kolonie rustig kon groeien. Uiteindelijk werd hij in 1707 op eigen verzoek eervol ontslagen, waarschijnlijk toch een gevolg van tegen hem ingebrachte klachten. Hij verliet met zijn gezin nog datzelfde jaar Suriname. Hij vestigde zich in zijn vroegere woonstad Gorinchem, en daarheen volgde hem later ook zijn schoonzuster. (gegevens uit: W: Bijlsma, WIG ; en Wolbers, p. 87)
Gedurende het 11-jarig verblijf in Suriname werd 1 kindje geboren. Dat was in het jaar 1700:
Verdere vermeldingen in de kerkarchieven zijn er niet ; zelfs het lidmaatschap van de gereformeerde kerk wordt nergens vermeld, hoewel het voor een gouverneur absoluut onmogelijk was om geen lidmaat van de kerk te zijn.
In een inventarisatie van 1775 is er sprake van een stenen woonhuis van 44 x 77 voet. Jammer genoeg zijn de gegevens van de voorgaande inventarisaties nog niet opgezocht. Maar ongetwijfeld dateert het stenen huis uit de tijd van Van der Veen ; dergelijke huizen werden tot omstreeks 1725 gebouwd, daarna werd er vrijwel uitsluitend met hout gebouwd.
In de jaren 1708 - 1740 is er niet veel bekend van het reilen en zeilen van Sinabo ; af en toe werd het overlijden van personeelsleden gemeld:
"... 1737-03-27 ontvangen van d' Heeren weesm: weegens kerkgeregtigheyd van 't overleyden van Jan Clerging schrijver op de plant: Sinabo f 5,- ...."
"... 1738-02-07 Per B: Pousset ontvangen voor kerkegeregtigheijd weegens t overleyden van zijn vrouw op de plaats Sinabo f 10,- ...."
1743 - de behandeling van de slaven (Beeldsnijder 1994, p. 244-46)
In 1743 was Benjamin Pousset, 42 jaar oud en voorheen een chirurgijn, directeur op Sinabo. Hij was een bijzonder slechte directeur. Er waren nauwelijks kostgronden, en als de slaven om kost vroegen, werden ze geslagen. Uiteindelijk stierven tussen de 28 en 46 slaven aan de combinatie ondervoeding met zware mishandeling.Pousset meende echter dat vergiftiging de oorzaak was, en wees de slavin Serie aan als de schuldige. Zij ontkende. Hij liet daarna alle slaven uit het veld halen om bij de strafoefening aanwezig te zijn. Dat was op 23 october 1743. Hij hing haar op met gewichten aan haar voeten en martelde haar met vuur. Zij bleef ontkennen. De slaven namen het voor haar op, maar het mocht niet baten. Tenslotte schoot hij haar dood en onthoofdde haar. Na de moord trok hij zich terug in zijn woonhuis, "in diepe gedachten en peijnsende". Onderwijl vluchtten 4 slaven, waaronder een zoon van Serie, naar Paramaribo om bij het Hof te klagen. De klacht werd onderzocht, en het raadslid Hendrik Talbot eigenaar van plantage Slootwijk in dezelfde kreek ging naar de plantage op inspectiebezoek. De lijken van de afgrijselijk verminkte slachtoffers werden opgegraven op de plaatsen die de slaven aanwezen. Talbot rapporteerde dat er nog maar weinig slaven op de plantage waren, en hun conditie slecht was, zowel ten gevolge van honger als zware mishandelingen. De wonden waren nog op hun lichaam te zien. Ook het riet stond er slecht voor, en er waren slechts 8 akkers met kost.
Pouset ontkende zijn misdaden. Men kon hem niet vrijwillig tot een bekentenis brengen, en de getuigenis van slaven was niet rechtsgeldig. Maar er waren ook getuigenissen van blanke bedienden van de plantage, en toch werd hij niet veroordeeld. Uiteindelijk stierf hij in gevangenschap, in 1744.
1770 - mevr. Boreel, Bikker (kaart Lavaux 1770)
Op Lavaux' kaart is de plantage 3036 akkers groot. Gelre wordt niet apart genoemd.Op een gegeven moment wanneer en hoe is niet bekend kwam Sinabo in handen van Andries Pels (1655-1731). Ook de plantage Boxel aan de Surinamerivier, en een plantage aan de Pauluskreek, waren Pels' eigendom.
Andries Pels stond bekend als de rijkste man van Amsterdam. Deze succesvolle koopman was gehuwd met Angenita Bouwens (1660-1749). Er waren 5 kinderen, waaronder twee dochters Anna Maria en Johanna Sara. De overige drie waren voor 1743 gestorven.
Deze dochters Anna Maria (1684 -1776) en Johanna Sara (1702-1791) werden de erfgenames van de plantages. Zij waren gehuwd met respectievelijk Jan Jeronimus Boreel (?-?) en mr. Jan Berend Bicker (1695-1750). Het Surinaamse plantagebezit zal slechts een klein deel zijn geweest van de omvangrijke erfenis.
Over Jan Boreel is niet veel bekend. ; Over Mr. Jan Berend Bicker (1695-1750) daarentegen des te meer. Hij was de zoon van Hendrick Bicker en Maria Schaap, en huwde met Johanna Sara Pels, op 6 november 1720 in Amsterdam.
Hij was koopman en bankierslid van de firma Andries Pels en Soonen, eigenaar van een suikerplantage in Suriname, meesterknaap van de houtvesterij van Gooiland in 1739, drossaard en kastelein van Muiden, baljuw van Naarden en Gooiland, hoogbaljuw en dijkgraaf van Weesp en Weesperkarspel en Hoog-Bijlmer van 1739-1750, kapitein der burgerij in 1738, commies van 't Zandpad op Muiden en Naarden, schepen in 1715, hoofdingeland in 1724 en dijkgraaf van 's-Graveland.
(gegevens van: http://home.planet.nl/~jboumans/stamouders.htm)
Meetkaart van Sinabo uit 1769, anoniem.
1775 - Samuel Fellman
Sinabo en Gelre werden beide aangekocht door Samuel Fellman. Deze liet in 1775 de plantages taxeren, waarschijnlijk met de bedoeling er een hypotheek op te vestigen. Volgens de inventarisaties was de waarde van Sinabo F 266.310,- en die van Gelre F 140.047,10. Waarschijnlijk betreft het hier geflatteerde cijfers, om het hypotheekbedrag omhoog te schroeven.Fellman overleed in 1777, en werd in de Lutherse kerk begraven. Zijn grafsteen is na de brand van 1832 niet meer herplaatst.
Samuel Fellman was gehuwd met Jacoba Catharina Grootveld. Uit het huwelijk is 1 kindje bekend, het dochtertje Johanna Maria (1757-?)
".....18 Oct. 1757 een kind gedoopt en genaamd Johanna Maria. De vader: Samuel Fellman; de moeder: Jacoba Catharina Grootveld. Getuigen: Gijsbert Felman en Johanna Catharina Chiston, weduwe Andries Grootveld. ...." (doopboek lutherse kerk)
1793 - I. F. Beaufort cs. (almanak 1793)
Op de suikerplantage Sinabo was de directeur J. Michelsen, en de administrateur Jaques Docher.De koffiegrond Gelre was het eigendom van M. Broen qq. Ook hier was Michelsen (of Machielsen) de directeur, en Docher de administrateur.
1821 - M. Broen Mz.qq. (almanak 1821)
De directeur was J. L. Schmidt ; de administratie werd gevoerd door C. L. Weissenbruch en S. M. KleinIn 1830 bezocht Teenstra de plantage om gegevens te verzamelen voor zijn boek "de landbouw in de kolonie Suriname". De grond mat op dat moment 3242 akkers. Oppervlakkig bekeken leek het niet goed te gaan met de plantage. Er waren 155 slaven werkzaam, maar de watermolen werd niet meer gebruikt. Het riet werd geperst met een beestenmolen, de alleroudste en meest oneconomische manier van rietvermaling. Desondanks draaide de plantage in de periode 1825-1845 met winst (v. Stipriaan, p. 252-254). In 1840 werd een stoommachine aangeschaft. Dit alles gebeurde met het eigen vermogen van de plantage, dus zonder hypotheek. Sinabo is nooit met schuld bezwaard geweest.
1843 - Mr. J.H. de Lange & M. Broen Mz. (almanak 1843)
De directeur was W. van Thol jr. Als administrateurs traden op J.C. de Freudenberg & J. Zaal. Op de plantage werkten 105 slaven.1863 - emancipatie
Plantage Sinabo en Gelré ontvingen een "tegemoetkoming" ad f 25.800,- en f 300,- ; dit geringe bedrag is in het geheel niet in overeenstemming met de grootte van de slavenmacht ; deze bedroeg 323 mensen ; De bekende Surinaamse familienamen Dadel, Deugdzaam, Sylbing, Sumter, en Wolfgang stammen van de plantage.
eigenaren in detail:
A jhr. Cornelis Ascanus van Sijpesteijn (Den Haag) voor 1/4 aandeel
(tevens voor 1/3 deel eigenaar van plantage Dordrecht; suikerriet)
B Carel Daniel Brakke (grondeigenaar en administrateur; Paramaribo) voor 1/4 aandeel
C jhr. Hendrik Maurits van Weede (Nijkerk) voor 1/6 aandeel
D jkv. Cornelia Maria van Hangest baronesse d'Yvoy (Amsterdam) voor 1/6 aandeel
E Fredrik Eduard Enschede (Amsterdam) voor 1/6 aandeel
1863 - 2004 - nader uit te zoeken
De plantage heeft nimmer contractarbeiders aangetrokken en is mogelijk al snel na de Emancipatie buiten bedrijf gesteld.2005 -
Omstreeks 1960 werd de Oost-West verbinding aangelegd. Dit heeft tot gevolg gehad dat op alle plantages de oude kampongs aan de rivier werden verlaten, en men vestigde zich langs de Oost-West.De Oost-West loopt dwars door Sinabo, en langs de weg is er vrij intensieve lintbebouwing ; sedert de aanleg van de bruf over de Surinamerivier wordt er druk geinvesteerd, en de huizen zien er steeds beter en fraaier uit. De noodbrug over de Commetewane werd in 2005 vervangen door een betonnen brug.
Op de plantage is helemaal niets overgebleven van de plantagetijd. Alles is verdwenen.
bronnen
boeken en artikelen
1.1 - Ruud BeeldsnijderOm werk van jullie te hebben plantageslaven in Suriname 1730-1750.
Univ. Utrecht, 1994
databases:
2.1 - Philip Dikland oud archief der burgerlijke stand in Suriname2.2 - Heinrich Helstone, Okke ten Hove, e.a. - database emancipatie 1863
plantageinventarisaties in het oud notarieel archief (NA, 's Gravenhage)
hieruit:
- 1733 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1743 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1745 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1745 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1748 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1751 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1751 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1758 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1763 - inventarisatie plantage Sinabo
- 1763 - inventarisatie plantage Gelre
- 1769 - kaart plantage Sinabo (DdD, kaartenmap Commewijne)
- 1775 - inventarisatie en prisatie van plantage Sinabo
- 1775 - inventarisatie en prisatie van plantage Gelre
1733 - inventarisatie plantage Sinabo
geen nadere bijzonderheden bekend1743 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 146 folio 200locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantage van de wed: Gabriel de la Jaille en het ongecultiveerde land van de wed: de la Jaille
datum: 1743-11-18/19/20
bijzonderheden: 95 slaven, beestenmolen, suiker, moestuin, koffie, cacao, weidegrond, paarden, hoornbeesten, geiten, varkens
verzoeker: Frans Kerkhoven, gemachtigd door administrateur en directeur Benjamin Pousset
eigenaar: Anna Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel ; mr: Jan Berend Bicker
administrateur: Pousset
directeur: Anth: Corbineau
1745 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 181 folio 19locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Castagneboom en van de wed: Gabriel de la Jaille
datum: 1745-07-21/22/23
bijzonderheden: 3750 akkers, 87 slaven, beestenmolen, suiker, koffie, moestuin, kostgronden, paarden, hoornbeesten, schapen, geiten
verzoeker: Frans Kerkhove op last van mevrouw Anna Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel, oud schepen van de stad Amsterdam, en mr: Jan Berend Bicker, oud schepen der stad Amsterdam, etc, allen te Amsterdam.
1745 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 181 folio 182locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Castagneboom en van de wed: Gabriel de la Jaille
datum: 1745-12-07/08
bijzonderheden: 3750 akkers, 87 slaven, beestenmolen, suiker, koffie, moestuin, bananen, tayer, weidegrond, paarden, hoornbeesten, schapen, geiten
verzoeker: Frans Kerckhoven in opdracht van mevrouw Jeanne Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel, oud schepen van de stad Amsterdam, en mr: Jan Bernhard Bicker, oud schepen der stad Amsterdam, etc
1748 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 186 folio 57locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages van de wed: Gabriel de la Jaille en van het ongecultiveerde land van de wed: de la Jaille
datum: 1748-09-23/24/25
bijzonderheden: 3240 akkers, 91 slaven, beestenmolen, suiker, koffie, kostgronden, weidegrond, paarden, hoornbeesten, geiten, varkens, schapen
verzoeker: Frans Kerkhove op last van weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel, oud schepen van de stad Amsterdam, en mr: Jan Berend Bicker, oud schepen der stad Amsterdam, etc, eigenaars der plantage
eigenaar: Anna Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel ; mr: Jan Berend Bicker
administrateur: Willem Mentink, nieuwe administrateur
directeur: Gijsbert de Wijs
gebeurtenis: overdracht der administratie aan: Willem Mentink, procuratie hebbende van Anna Maria Pels c.s
1751 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 691 folio 210locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Castagneboom en van de wed: Gabriel de la Jaille
datum: 1751-07-20/21
bijzonderheden: 3240 akkers, 88 slaven, beestenmolen, suiker, koffie, kostgrond, paarden, hoornbeesten, schapen, geiten, varkens, pluimvee
verzoeker: Jacob Roosewint en Hendr: Diedericks, administrateurs der plantages Boxel en Sinabo als opvolgers van wijlen de administrateur Willem Menting
eigenaar: Anna Maria Pels weduwe van mr: Joan Jeronimus Boreel, oud schepen van Amsterdam ; weduwe mr: Jan Bernhard Bicker, oud schepen van Amsterdam, drossaart van Muiden, baljuw van Gooijland, hoofdofficier van Weesp en Weespercarspel
administrateur: Willem Menting (overleden) ; Jacob Roosewint en Hendrick Diedericks (nieuwe administrateurs)
directeur: Jan Michiel Messer
gebeurtenis: overdracht der administratie aan Jacob Roosewind en Hendrik Diederick , executeurs van boedel van Willem Mentinc, administrateur der plantages Boxel en Sinabo
1751 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 691 folio 249locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Castagneboom en van de wed: Gabriel de la Jaille
datum: 1751-10-18/19/20 ; 1751-11-08
bijzonderheden: 3240 akkers, 89 slaven, beestenmolen, suiker, koffie, kostgrond, paarden, hoornbeesten, schapen, geiten, varkens, pluimvee ; de suikerlanden worden in koffie omgezet en omgekeerd.
verzoeker: Jacob Roosewint en Hendr: Diedericks, gewezen administrateurs der plantage Sinabo
eigenaar: Anna Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel ; Johanna Sara Pels, weduwe mr: Jan Bernhard Bicker ; mr: Jacob Boreel Jansz:, Raad en advocaat-fiscaal van het college ter Admiraliteit te Amsterdam
administrateur: Jacob Roosewint en Hendrick Diedericks (scheidende administrateurs) ; Willem van Tulken (nieuwe administrateur)
directeur: Jan Fred: Domack
gebeurtenis: overdracht der administratie aan Willem van Tulken uit handen van Jacob Rosewint en Hendrik Diedericks. Van Tulken heeft procuratie van de eigenaars volgens acte dato 7 en 15 mei 1750(?) gepasseerd bij notaris E: Havercamp te Amsterdam.
1758 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 204 folio 899locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Castagneboom en van de wed: Gabriel de la Jaille
datum: 1758-03-30/31
bijzonderheden: 3240 akkers, 85 slaven, beestenmolen, suiker, bananen, tayer, koffie, cassave, moestuin, paarden, hoornbeesten
een stuk nieuw gevallen bos groot 40 akkers, bezet met 9 slaven, beplant met koffie, bananen, en koren.
verzoeker: Herman Bouwman, afgaande administrateur en overgever aan Jan Jacob Bongardt, zaakgelastigde van Anna Maria Pels weduwe Jan Jeronimus Boreel.
eigenaar: 1. Anna Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel ; 2. Johanna Sara Pels, weduwe mr: Jan Bernhard Bicker ; 3. mr: Jacob Boreel Jansz:, Raad en advocaat-fiscaal van het Hof van het Edel Mog: college ter Admiraliteit te Amsterdam, en als gemachtigden der verdere participanten van genoemde plantage.
administrateur: Herman Bouwman (scheidende administrateur) ; mr: Jan Jacob Bongardt (nieuwe administrateur)
directeur: -
gebeurtenis: overdracht der administratie aan mr: Jan Jacob Bongardt uit handen van Herman Bouwman
1763 - inventarisatie plantage Sinabo
code: inv. no. 214 folio 779locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Gelre en van de wed: Gabriel de la Jaille
datum: 1763-07-02/03/04
bijzonderheden: 3240 akkers, 121 slaven, beestenmolen, suiker, negergronden, verlaten gronden, cappewirie, moestuin, paarden, hoornbeesten, pluimvee, weidegrond
verzoeker: J: J: Bongardt, gewezen administrateur der plantage Sinabo
eigenaar: 1. Anna Maria Pels weduwe van mr: Jan Jeronimus Boreel ; 2. Johanna Sara Pels, weduwe mr: Jan Bernhard Bicker ; 3. mr: Jacob Boreel Jansz:, Raad en advocaat-fiscaal van het college ter Admiraliteit te Amsterdam, en gemachtigde der verdere participanten van genoemde plantage.
administrateur: mr: Jan Jacob Bongardt (scheidende administrateur) ; Johannes Barlon (nieuwe administrateur)
directeur: -
gebeurtenis: overdracht der administratie aan Johannes Barlon uit handen van Jan Jacob Bongardt
1763 - inventarisatie plantage Gelre
code: inv. no. 214 folio 831locatie: Commetuane kreek aan de linkerhand tussen de plantages Sinabo en de Eendragt
datum: 1763-07-05
bijzonderheden: 31 slaven, koffie, bananen, cassave, tayer, koren
verzoeker: J: J: Bongardt, gewezen administrateur der plantage Van Gelre
eigenaar: Anna Maria Pels, wed: van J: Jeronimus Boreel ; Johanna Sara Pels, wed: van mr: J: C: Bicker ; mr: Jacob Boreel Janszoon, raad en advocaat fiscaal van het college ter admiraliteit te Amsterdam en gemachtigde van verdere participanten
administrateur: J: J: Bongardt (gewezen administrateur) ; Johannes Barlon (nieuwe administrateur)
directeur: Hendrik de Ruijter
gebeurtenis: overdracht der administratie aan Johannes Barlon uit handen van Jan Jacob Bongardt
1769 - kaart plantage Sinabo (DdD, kaartenmap Commewijne)
De plantagie is volgens de bestaande gezaamelijke scheiding en verdeling tusschen de gezamenlijke erfgenaamen van wijlen den Heer Mr: Paul van der Veen als in huwelijk gehad hebbende vrouwe Anna van Gelre en vrouw Magdalena Maria van Gelre weduwe den Heer Andries Boxel (nu wijlen), getransporteerd aan de erfgenaam van vrouw Magdalena Maria van Gelre, in de daarvan opgemaakt acte hiervan vermeld op den 22 februarij 17691775 - inventarisatie en prisatie van plantage Sinabo
code: inv. no. 242 folio 421locatie: Commetewane kreek linkerhand tussen de plantages Gelre en la Solitude
datum: 1775-05-29/30
bijzonderheden: 2748 akker, waarvan 2 stukken a 250 akkers met een facit van 25 ketting aan de overzijde der kreek ; 130 slaven, watermolen, suiker, kostgronden, weidegrond, hoornbeesten, moestuinen ; taxatie Nf 266.310,-
verzoeker: Samuel Fellman
eigenaar: Samuel Fellman
administrateur: -
directeur: Johan George Kummer
gebeurtenis: -
1775 - inventarisatie en prisatie van plantage Gelre
code: inv. no. 242 folio 481locatie: Commetuane kreek aaan de linkerhand tussen de plantages de Eendragt en Sinabo
datum: 1775-05-31
bijzonderheden: 528 akkers, facit 40 kettingen, 60 slaven, koffie, kostgronden, tayer, bananen, cappewerie, taxatie: Nf 140.047,10
verzoeker: Samuel Fellman
eigenaar: Samuel Fellman
administrateur: -
directeur: Johan George Kummer
gebeurtenis: -
