Suikerplantage Onobo aan de Cassewinica

Linkeroever in 't afvaren

De plantage Onobo op de kaart van Bakhuys en De Quant uit 1930.

1669 - Samuel de la Parra

In de periode 1669 - 1684 werden aan de Cassewinica vier concessies uitgegeven aan Samuel de la Parra, als volgt :

1669 - 100 akkers (Onobo)

1674 - 800 akkers (plantage onbekend)

1680 - 800 akkers (plantage onbekend)

1686- 1500 akkers (kreek Onobo)

In 1721 was Samuel de la Parra nog in leven ; in dat jaar zien we hem optreden als executeur van een boedelkwestie. Omstreeks 1730 werd hij eigenaar van de plantage Auca aan de Surinamerivier, hoewel het niet duidelijk is of het hier een en dezelfde persoon betreft. Het kan net zo goed een latere generatie zijn.

Waarschijnlijk is Samuel de la Parra een dergenen die reeds in de engelse tijd in het land zijn gearriveerd. In het zeeuws archief treffen we de volgende namen :
Isaac Parra ; en Samuel de la Parra (1675, lijst weerbare mannen RAZ 2035 - 26)

1737 - (kaart Lavaux 1737)

De plantage wordt in 1737 niet genoemd op de kaart van Lavaux. Toch bestond ze allang ; het is niet duidelijk wat er aan de hand is

1770 - Ab. De la Parra (kaart Lavaux 1770)

De plantage was 1500 akkers groot. Abraham de la Parra, zoon van Mordechai de la Parra, was eigenaar van de plantage. Samen met zijn broers Samuel en Samuel Haim de la Parra was hij eigenaar van de firma Salomon de la Parra & Co. Eveneens samen met zijn broers was hij eigenaar van het huis Gravenstraat 6. Abraham overleed in 1814.

1793 - wed. Joseph de Abraham de la Parra, Ribca de la Parra (almanak 1793)

De directeur van de houtgrond was Dd. Uz. D'Avilar ; de administratie was in handen van Mordechai De la Parra. In 1794 vroegen de administrateurs een uitbreiding van 1500 akkers aan.

1821 - S. H. de la Parra (almanak 1821)

J. da Fonseca was de directeur van de houtgrond. De eigenaar voerde zelf de administratie. De grond was 852 akkers groot. Enkele jaren later, in 1831, was de grond verlaten.

Bronnen :

inventarissen in het nationaal archief te Den Haag

ARA NOT inv. no. 99 dl II — f. 27 - testament Abraham de la Parra (20-10-1814)
geg. Colin Nassy.
Secr: Bernhardus Pieter Schuster
Mordechaij de la Parra stelt als executeur over de boedel & nalatenschap van wijlen Abm. de la Parra, het besloten testament dd. 08-05-1812, ter hand.
Volgt de superscriptie dd 08-05-1812
Secr: Jan Planteau Junior
Laatselijk declareerde de testateur in gemoede geen Fl 100.000,= gegoed te zijn.
Volgt het testament.
Legateert aan de armen van de Portugese Joodse Natie in deze kolonie een somma van Fl 1200,=, die de executeur van zijn testament in 3 keer zal uitkeren, bij de expiratie van 7 treurdagen Fl 400,=, bij de 30e dag Fl 400,=, Bij de 11e maand Fl 400,=
Idem aan de armen van de Hoogduitse Joodse Natie, een somma van Fl 300,=
Idem aan de armen der gereformeerde religie in deze kolonie, een somma van Fl 300,=
Idem aan de armen der Lutherse religie een somma van Fl 300,=
Idem aan de armen der Roomse Katholieken een somma van Fl 300,=
Idem aan de kerk of gebedshuis van de Hernhutters gemeente een somma van Fl 300,=
Hij legateert aan zijn waarde broers Salomon de la Parra & Seml. Hm. de la Parra alle kleren & sieraden die tot zijn lichaan behoorden.
Idem aan voorn. broer Salomon de la Parra, zijn mulatte jongen Thomas die hij onlangs van mevrouw Klopman gekocht had.
Idem aan zijn waarde broer Seml. Hm. de la Parra zijn negerjongen, Cezar, die hij per akte donatie van zijn geachte moeder zaliger heeft gekregen.
Legateert aan zijn waarde zuster Rebecca, huisvrouw van Joseph de la Parra zijn negerjongen, Premier, die thans werkt op de plantage Concordia.
Idem aan zijn waarde aangehuwde zusters, Rachel, huisvrouw van zijn broer Salomon de la Parra & Hana, huisvrouw van zijn broer Seml. Hm. de la Parra, ieder van hun een somma van Fl 1000,= om daarmee een gedachtenis te kopen.
Idem aan zijn zwager Joseph de la Parra, een somma van Fl 1000,= om daarmee een gedachtenis te kopen.
Legateert een somma van Fl 50.000,= aan zijn geliefde nichten & neven, kinderen van zijn bovengenoemde broer Salomon de la Parra, Seml. Hm de la Parra & zuster Rebecca de la Parra, die nu in leven zijn en degene die na zijn overlijden nog worden verwekt.
Legateert aan zijn neven en nichten, kinderen van zijn vaders broers & zusters, ieder van hun een somma van Fl 500,=
Verder is het zijn wil, dat na zijn overlijden een behoorlijke inventaris zal worden gemaakt van slaven & pakhuisgoederen van de compagnieschap van Salomon de la Parra & Co, zoals bij het contract van de associatie tussen zijn broer Salomon de la Parra & Seml. Hm. de la Parra met hem staat geexpliceerd. Hij laat wel aan zijn broers of compagnie de keus deze goederen voor inkoopprijs of bij een nieuwe prisatie over te nemen.
En wat betreft de twee huizen, de ene aan de Waterkant No 58 & de andere aan de Graavestraat No 3 waarin 1/3 van ieder aan hem in eigendom toebehoort. Het is zijn begeerte dat twee neutrale personen die priseren, waarbij zijn broers de mogelijkheid krijgen het over te nemen en het bedrag in 3 termijnen te betalen met een rente van het kapitaal van 5 % per jaar.
Enige & universele erfgenaam: zijn vader Mordechaij de la Parra, wanneer hij komt te overlijden zijn waarde broers, Salomon & Seml Haim & zuster Rebecca, huisvrouw van Joseph de la Parra, ieder voor 1/3 gedeelte na prisatie.
Executeur/voogd: zijn broers Salomon de la Parra & Seml. Haim de la Parra.

top ^

archief dienst der domeinen te Paramaribo

1669 - resolutie Onobo

Permitteere ende vergunne mits deezen aan Samuel de la Parra om op te nemen ende in volkomenen eijgendom te bezitten, hondert akkers land waar dat hem best zal aanstaan, mits dat het niet en strekken (sal) tot nadeel van de indianen ofte eenige voorige concessie, zijnde (niet leesbaar) hetselve voor zijn eijgen particulier te beplanten ende te cultiveeren, laatende hetselve ter bequaame tijd in de secretarij prothocolleeren
Actum Paramaribo 22 meij ?
/ onder stond / J: Lichtenbergh

Ik ondergesz: getuijge gezien te hebben dat Samuel de la Parra heeft opgenoomen de bovenstaande hondert akkers land in Sijmons creecq aan de linkerhand bij de klijne creeq
/ onder stond / Abraham Baruh

Aldus ingevolge resolutie van zijne excellentie den heer general majoor gouverneur der kolonie Suriname van den 30 maart 1824 no. 104 gecopieerd naar en gecollationeerd met eene ter gouvernements secretarij geexhibeerde kopij in der tijd afgegeven door Abraham Bols seretaris
voor eensluidend afschrift de secretaris van het gouvernement
J: G: Ringeling

kaart en bijbehorende tekst / get: / J: H: Moseberg, den 14 april 1794
tekst van de kaart
Ten verzoeke van Ribca de Laparra en Ribca wed: Jos: de Ab: de Laparra tezamen eijgenaressen van de plantage of houtgrond Onobo hebbe ik ondergetekende gezwooren landmeeter dezer Colonie met kennis en overstaan als ook assistentie van wederzijdsche buuren uitgemeeten voornoemd houtgrond Onobo gelegen in Casewinica kreek ter regterhand opwaards vaarende zijn beginnemende vier kettingen beneeden de Onobokreecq met de boovenlijn van zeekere 500 akkers bekent onder den naam van Mappabo en aan de plantage Quapibo te behooren.
Van daar zig uijtstrekkende opwaards tot eeker 200 akkers van H: de Berranger met eene face van 71 kettingen en bedraagende achthondert en twee en vijftig akkers.
In neffenstaande figuur tusschen de letters A: B: C: D: begreepen.
Alsmeede nog 1500 akkers in gevolge warrand van den 7 november 1686 door den Gouverneur van Zommelsdijk aan Samuel de Laparra verleend gelegen agter het voornoemde en over en weer de Onobo kreecq met eene fatie van 70 10/107 kettingen en diepte van 214 kettingen alles nader in de neffenstaande figuur door de letter D: E: F: G: H: C: B: aangeweezen.
Hetwelke hiermeede certificeere
Actum Paramaribo den 14 april 1794
/ was getekend / J: H: Moseberg
/ onderstond /
Gezien de neffenstaande kaart der uijtmeetinge door den gezwooren landmeeter J: H: Moseberg gedaan.
Approbeere dezelve in alle zijne leeden en deelen
Paramaribo den 21 april 1794
/ geteekend / J: F: Friderici
Ter ordonnantie van den Heer Gouverneur
/ geteekend / H: van Heerdt 1e clercq
Geregistreerd in het protocoll van geregistreerde kaarten en warrand van de rivier Comewijne en onderhoorede creequen no. 84 folio 127 ter secretarij van Suriname berustende
Paramaribo den 8 september 1794
/ geteekend / Charles Brouwn gesworen clercq
Voor copij conform door mijn aangevaardigt.
Paramaribo den 24 april 1824
A: H: Hiemcke geswooren landmeeter en rooijmeester

1674 - resolutie (plantage onbekend)

Vergunnen en permitteren bij deesen om op te neemen ende in vrijen eijgendom te besitten aan S: Sam: de la Parra een stuk land groot agthondert akkers waar hij hetselve bequaamst zal vinden, mits niet doende tot nadeel van de indianen ofte eenige voorige concessie, en dezelve ter cultuure brengen en te behoorlijker tijd ter secretarije te lasten prothocolleeren
Actum Paramaribo den 27 xber 1674 / was get: / P: Versterre

Dit bovengesz: land is opgenomen in Cassawijnka (op? boven?) de plaas gen: Parkijranibo op ende aan beijde sijds (der kreek) in presentie van Robbert Morleij

Aldus in gevolge resolutie van zijne excellentie den heer general majoor gouverneur der kolonie Suriname van den 30 maart 1824 no. 104 gecopieerd naar en gecollationneerd met eene ter gouvernements secretarij geexhibeerde kopij in der tijd afgegeven door Abraham Bols secretaris
voor eensluidend afschrift de secretaris van het gouvernement
J: G: Ringeling

1680 - resolutie

Vergunnen ende permitteeren in deesen aan Sam: de la Parra omme op te neemen ende in vrijen eigendom te besitten de nombre van agthondert akkers land in Cassawanica creecq (ter) plaatse waar hij het raadsaamt sal vinden, mits dezelve latende cultiveeren binnen den tijd van een jaar en ses weken, ende niets doende tot nadeel van de indianen ofte eenige voorige concessien, latende deeze uijtgemeten zijnde ter behoorliijker tijd ter secretarije registreeren
Actum Suriname 29 januarij ?
/ was get: / L: Verboom

deese land is opgenomen in presentie van den ondertekening [ondergetekende] in caswine creecq begening van den lesten van S: Dasib..........land, aan den suid [zijde] van Percribo vijftig ketting diep en land een honderd en sestig langs de creeq na den mond van den creecq,
ad. den 11 febrie 1682 / was get: / Mosch Henriques Jahacob de Prado Omoso

Aldus ingevolge resolutie aan zijne excellentie den heer generaal majoor gouverneur der kolonie Suriname van den 30 maart 1824 no. 104 gecopieerd naar en gecollatieneerd met eene ter gouv: secretarij geexhibeerde kopij in der tijd afgegeven door Abraham Bols secretaris
voor eensluidend afschrift de secretaris van het gouvernement
J: G: Ringeling

1686 - resolutie

Vergunnen en permitteeren mits deezen aan Samuel de la Parra omme op te nemen ende in vrijen eigendom te bezitten de nombre van een duizend vijf hondert akkers land geleegen in de creeq Onnebo agter het land van Jacob de Silva
mits betalende alle jaeren eene st. per akkers en de dat telkens op primo januarij op verbeurte van dubbelt sonder eenige conneventie, ende deselve akkers land te besitten den tijd van twaalf jaren sonder die te mogen verkoopen of te veralineeren dan met particulieren consent van den heer gouverneur, zijnde in cas van verkoopinge te betaalen vijf percent, ende indien consent van heer gouverneur gekreegen hebbende omme de voorz: landen binnen de twaalf jaaren te verkopen so sal denselven gehouden zijn te betalen thien per ct. ten profijt van de societijt
behoudende ende reserveerende den meergemeldtene heer gouverneur het regt van naastinge ten profijte als boven
mits niets doende tot nadeel van de indianen onze vrienden ofte eenige voorige concessie
welke landen binnen een jaar en ses weken moeten werden gecultiveert met ten minste een getal van vijftien slaven
ende door den landmeeter uijtgemeeten binnen den tijd van drie maanden naar dato, deze op poene van versteeken, ten waare hij den landmeeter daartoe meer malen hadde aangesproken en hij hetselvige niet en hadde kunnen doen, so zal op de voorsz: drie maanden geen reflectie genomen worden, mits toonende sodanige attestatie door den landmeeter onderteekend, laatende dese uijtgemeeten zijnde ter behoorlijken tijd alhier ter secretarije registreeren.
Actum deesen 7 november 1686 / was get: / C: van Aarsen van Sommelsdijk
sedert de blanc seinge

het gemelde land in dit present warrand hebbe ik gemeten in de plaatse daar ditto warrant aanwijst volgens de kaart door mijn geleefert aan sr: Sam: del Parra.
Actum Suriname den 24 8ber 1687 / was get: / Ab: Nunes Henriques geswooren landmeeter.

Esta es la carta de la tierra sr. Samuel de la Parra, laqual comtiene mil quinientas acras y medij, en la crica de Caxuene del lado delri, detras de las tierras de Jahacob da Silva u saber setra a contiene mil quatro sien.
Contiene sesenta ij una acras 9 hazen dha summa medidaij por mij como medidor jurado de la nasion hebres, surinam 24 obero de 1687, Ab: Nunes Henriq: medidor juradoc

This is the map of the land of Mr. Samuel de la Parra, which contains 1,500 acres and a half, in the creek of Cauxuene on the right side, behind the lands of Jacob da Silva ?? contains 1,400.
It contains 61 acres ??? by me as the sworn measurer [assessor] of the Hebrew nation, Suriname 24 October of 1687, Abraham Nunes Henriques: sworn assessor.

Alsoo mons: Samuel de la Parra mij heeft verzogt eenige land in casehawine in de creecq van wonobo om aldaar een waterwerk te stellen en hij vreesagtigh was dat ijmandt achter hem op dezelve creeke soude komen eene plantge: te maken alsmede een waterwerk op deselve creeke stellen ofte setten, waarvan hij eenige verseekeringe dat sulx niet en mogten geschieden tot zijn nadeel, was verzoekende so is het mogelijk, dat ik hem mits desen confirmeere schriftelijk hetselvige aan niemant zal worden gepermitteert nog geconsenteert waardoor hij eenige schade soude komen te leijden tot verseekeringe van .... (een regel onleesbaar)
... 9b, 1687 tot Paramaribo,/ was geteekend / C: van Aersen van Sommelsdijk, seeder de blanc seings
Accordeert naar collet met de prothocollen van grondbrieven no. 9 fo. 10 (een halve regel onleesbaar) 29 fo. 48
Quod attestor
/ geteekend / Abraham Bols secr:

Aldus ingevolge resolutie van zijne excellentie den heer generaal majoor gouverneur der kolonie Suriname van den 30 maart 1824 no. 104 gecopieerd naar en gecollationeerd met eene ter gouvernements secretarij geexhibeerde kopij in der tijd afgegeven door Abraham Bols secretaris
voor eensluidend afschrift, de secretaris van het gouvernement
J: G: Ringeling

1794 - warrand uitbreiding Onobo

Alzoo Samuel Hananja de la Parra en Mordechaij de la Parra, aan ons bij requeste hebben te kennen gegeeven, dat Ribca de la Parra & de weed: Joseph de Abm: de la Parra als eijgenaresse van de plantagie of houtgrond Onobo geleegen in de Cassewinica creecq ter regterhand opwaards vaarende, en tussen de landen van H: Berranger en zeekere 500 akkers bekend onder de naam van Mapabo en gelijk men zegt aan de plantagie Quapibo te hooren, hebben laaten uijtmeeten de voornoemde plantagie off houtgrond Onobo.
Dat de supplianten bij voornoemde uitmeeting ontwaar werden dat tusschen de plantagie Waijcoribo en de voornoemde 500 akkers genaamt Mapabo nog een perceel onbegeeven land was openleggende ter groote van 1500 akkers met een face van 60 kettingen iets meerder of minder zoals bij uijtmeetinge daer van zoude worden bevonden.
Waaromme zij kun keerden tot ons, met ootmoedig versoek met gemelde 1500 akkers te worden begunstigd en hun daarvan te verleenen warrand en forma.
Zoo is 't dat wij voorsz: overgemerkt en de positieve conform der waarheid bevonden hebbende alsmeede ingezien de schetskaart door den gesw: landmeeter J: H: Moseberg in dato 20 junij deezer jaars van 't voorsz: stuk land gemaakt, mitsdien vergunnen en concedeeren aan Samuel Hananja de la Parra & Mordechaij de la Parra, omme in allodialen eijgendom op te neemen en erffelijk te mogen bezitten een stuk land geleegen in de Cassewinica creecq regterhand in 't opvaaren aan de bovenlijn van 't van ons verleende land aan Samuel Henriques Moron & Joseph Haim del Castilho, ter groote van 1500 akkers met een face van 311/2 kettingen,
onder speciaale vergunning dat zij de vaart door de creecq / uijtvaarende in de Cassawinica creecq en op dezelve schetskaart afgeteekend en door 't verleende land aan Samuel Henriques Moron en Joseph Haim del Castilho loopende / zullen behouden, en aan de creecq in 't ten deezen geconcedeerde land vallende zodanige sleeppaden en landingplaatsen ter inlaading hunner houtwaren te maken als zij zullen goedvinden, oftewel de creecq des goedvindende op te delven en te doen correspondeeren met den loop van de thans existeerende creecq, die door hun en genoemde Moron en del Castilho gemeenschappelijk moeten werden onderhouden ; welke speciale verguning Samuel Henriques Moron en Joseph Haim del Castilho gehouden en verpligt zullen zijn in de aan hun geconcedeerde landen aan de supplianten meede toe te staan
ende voorts onder verdere conditien en restrictien als volgt.
Zullen zij van heeden aff aan van deese vijftien hondert akkers land moeten betaalen een recognitie off canon van vier stuijvers hollands geld per akkers aan den ontfanger der in- en uijtgaande regten in der tijd, 't sij 't selve land bebouwd werd off niet, en soo vervolgens jaarlijks op den eersten dag van 't verleenen van deese warrand, en dat op poene dat ingevalle deselve recognitie off canon binnen 3 maanden na de vervaldag telkens niet voldaan was, sal moeten betaald worden 't dubbeld van deese en alsoo in plaats van 4 stuijvers 8 stuijvers, en waarvoor zij qq paratelijk sullen moogen en moeten werden geexecuteerd.
Ook zullen zij gehouden sijn de approbatie op warrand met bijvoeging van een kaarte figuratief der strekkinge & belendingen binnen 6 maanden van haar Edele Groot Achtbaare de Heeren Directeuren en Regeerders deeser colonie te versoeken, zig reguleerende na den inhoude van de resolutien van zoo Hooggemelde Heeren Directeuren in dato 5 maart en 7 meij 1755, die binnen 12 andere maanden aan ons sal moeten werden geexhibeert
alsmeede 't selve behoorlijk te doen uitmeeten en daarvan laaten vervaardigen vier eevensgelijke kaarten die binnen 12 andere ofte een jaar na dato deeser aan ons ter approbatie sullen moeten werden gebragt, op poene van te verbeuren ten behoeven van 't hospitaal alhier voor iedere maand 50 guldens hollands na expiratie van 't jaar, en van welke kaarten één voor heeren Directeuren & Regeerders voornoemt, één voor ons, een om neffens deese warrand ter secretarij deeser colonie te werden geregistreert, en één voor de eijgenaaren qq sal sijn,
en dat bij deese vijftien hondert akkers bij continuatie altoos moeten sijn en blijven geaffecteerd ten minsten 30 stucx slaaven, alles op poene dat ingevalle sij qq aan de stipulatien in deese vermeld niet en voldoen, sij de facto en buiten form van proces van deese concessie sullen sijn vervallen en worden gepriveerd en dat 't selve land weederom sal retourneeren in den boesem van Heeren Directeuren en Regeerders deesen colonie om daarmeede te handelen soo als bevonden sal worden te behoren, ten welkers behoeven ook in cas van verkoop ten allen tijden 't regt van naasting werd gereserveerd.
Voorts zullen zij copie authenticq van deese warrand aan den Heer Raad Fiscaal deeser colonie onder recepisie moeten ter hand stellen en deselve beneevens één der daarvan te maakene kaarten annexeeren bij 't versoek van adprobatie op deze warrand aan Hooggemelde Heeren Directeuren.
Ook zullen zij niets vermogen te onderneemen tot nadeel der vrije indiaanen offte eenige vorige concessien, alsmeede de creecq helpen schoon houden volgens de placaaten, en soo er natuurlijke creecquen door dit land mogten loopen deselve niet toe te vallen offte stoppen maar word verstaan voor een ieder open & vrij laaten blijven om te kunnen bevaaren.
Aldus gedaan en met ons zegel bekragtigt Paramaribo desen 11 julij 1794
/ was getekend / J: F: Friderici
/ onderstond / ter ordonnantie van de heer gouverneur
/ en getekend / A: H: Van Heerdt eerste clercq
nevens appositie van 't zegel van de heer gouverneur in een witte ouwel met een papiere ruijt overdekt
accordeert met sijn origineel
J: E: van Onna tweede gesw: clercq
top ^
login
Zoek in deze site:
Selecteer plantage: