Rustenburg aan de boven-Commewijnerivier
suikerplantagevolksnaam:
rechteroever in het afvaren
volgorde: Des Tombesburg ; Betlehem ; Rustenburg ; Concordia ; Malebatrum ; Utrecht.
chronologie
stichtingDe plantage ligt recht tegenover de Crammeca kreek, en is dus eenvoudig te herkennen, ook op de alleroudste kaarten. Op de kaart van Ottens uit 1718 komt de plantage nog niet voor.
- 1737 - Rapsina (kaart Lavaux 1737)
- 1753 -Sara Maria Aardewijn, dochter van Wm: Hendrik Aardewijn en Elisabeth Booge (ARA inv. no. 194 f. 729)
- 1768 -J. van Hoven, gehuwd met J. M. Boge (1/2 deel)
- 1793 - Lamb. Wyk en zoon, I. M. S. Auben
- 1821 - verlaten (almanak 1821)
- 1832 - aan Concordia (gegevens M.D. Teenstra)
1737 - Rapsina (kaart Lavaux 1737)
Waarschijnlijk is Rapsina een verschrijving van Rupsina. De erven Rupsina waren tevens eigenaar van de plantage Libanon en Deezoo aan de Cotticarivier.Barend Adrianus Rupsina was in 1734 overleden. De kaart van Lavaux geeft dus zeer actuele gegevens weer. De eerste editie van deze kaart is in tegenstelling tot de latere edities door Lavaux zelf vervaardigd en is zeer betrouwbaar.
Over Barend Rupsina is niet zo veel bekend. In 1714 werd zijn zoontje Adriaan gedoopt:
David Estor..."
In 1727 zien we hem als diaken van de Gereformeerde gemeente te Paramaribo. In 1734 is hij gestorven, en zijn vrouw niet lang daarna:
1734 maij 25 - A d' wed: Barent Ad: Rupsina voor 't regt van haer mans begraving, f 20,-
1734 juni 25 - de wde: An: Rupsina
In de archieven komt nog een ander familielid voor, Adriaan Rupsina Johanszoon ; Deze arriveerde in 1727 en meldde zich bij de kerk "met attestatie van Groningen". Hij was gehuwd met Margaretha van Geven weduwe Golbach, en daarna met Jacoba van Harlingen. Hij is omstreeks 1747 overleden. Eigenlijk is het helemaal niet bekend welke Rupsina de plantage in eigendom had.
1753 -Sara Maria Aardewijn, dochter van Wm: Hendrik Aardewijn en Elisabeth Booge (ARA inv. no. 194 f. 729)
In 1734 arriveerden 26 militairen met het schip "Lucretia" vanuit Amsterdam. Onder hen waren de chirurgijn-majoor Dirk Aardewijn, en de cadet Willem Aardewijn, waarschijnlijk zijn zoon, of zijn neef. (geg. D. Ferrier, soldatenlijsten 1730-1751)Mogelijk is de plantage-eigenaar Willem Hendrik Aardewijn dezelfde als de cadet Willem Aardewijn die in 1734 arriveerde. Willem Hendrik Aardewijn was gehuwd met Elisabeth Booge (1726-?) ; zij hadden een dochtertje Sara Maria. Willem was eigenaar van de plantages Rustenburg aan de Perica en Leliendaal aan de Commewijne. In 1749 was hij weesmeester.
Willem Hendrik Aardewijn overleed in 1750. Zijn echtgenote, die in 1749 samen met haar dochtertje Sara naar Amsterdam was vertrokken, retourneerde naar Suriname om de zaken over te nemen. In 1752 hertrouwde zij met Augustin St. Aubin, onder-luitenant in het leger van Von Sporche.
Het huwelijk heeft maar kort geduurd. Beide partners overleden in 1753. St. Aubin's overlijden staat geregistreerd in de kerkboeken, maar van Elisabeth's heengaan is niets terug te vinden. Toch is ze in dat jaar gestorven, zoals duidelijk bijkt uit de inventaris van Rustenburg uit 1753.
1755 - Meijnard Uijtwerff(1/2 deel)
jhr. J.A.B: St. Aubin (1/2 deel)(ARA NOT inv. no. 197 f. 471)
Meijnard Uytwerff was gevestigd te Amsterdam, en is voor zover bekend nooit in Suriname geweest.
1768 -J. van Hoven, gehuwd met J. M. Boge (1/2 deel)
de minderjarige J. A. de St. Aubin (1/2 deel) (ARA NOTinv. no. 696 f. 01)
De eigenaren woonden in Nederland en ieten hun bezit beheren door een administrateur. In 1781 maakte administrateur Unico Wilkens het overlijden bekend van Johanna Maria Boge:
"...1781-februari 14Debet Unico Wilkens Aan kerkegeregtigheid voor 't bekentmaken van 't overleijden van vrouwe Johanna Margaretha Boge huijsvrouw van den Weledele heer Jan van Hoven te Amsterdam op den 25 augustus 1780f 7,10 ..."
1793 - Lamb. Wyk en zoon, I. M. S. Auben
De plantage produceerde koffie en katoen. E.C. Meydt was de directeur, de administratie werd gevoerd door Unico Wilkens en De Graaf.1821 - verlaten (almanak 1821)
De grootte van de grond wordt nog wel aangegeven: 400 akkers. De eigenaar wordt niet vermeld.1832 - aan Concordia (gegevens M.D. Teenstra)
De verlaten plantages Bethlehem en Rustenburg waren bij Concordia gevoegd. Het is niet bekend of de gronden ook gecultiveerd werden. Na 1832 komt de plantage Rustenburg niet meer in de archieven voor.bronnen
internet-databases
Philip Dikland oud archief der burgerlijke stand in SurinameHeinrich Helstone, Okko ten Hove e.a. - database emancipatieregisters 1863
Maurits Hassankhan database hindustaanse en javaanse immigratie
inventarisaties:
- 1753 - ARA NOT inv. no. 194 f. 729
- 1755 - ARA NOT inv. no. 187 f. 427
- 1755 - ARA NOT inv. no. 197 f. 471
- 1768 - ARA NOTinv. no. 696 f. 01
- 1753 - ARA NOT inv. no. 194 f. 729
-
gegevens:(alleen het aantal bomen vermeld) 115 slaven, koffie, cacao, moestuin, pluimvee, varkens, geiten, hoornbeesten, schapen
eigenaar: -
verzoeker:Jan Andre Tourton, aangesteld om boedel van wijlen St: Aubin, sous lieutenant in dienst van de staat, te beheren ; en dAvid Francois Dandiran, executeur en voogd over Sara Maria Aardewijn, minderjarige dochter van wijlen Elisabeth Booge, eerder wed: van W: H: Aardewijn en laatst echtgenote van St: Aubin
directeur:Michael Sweijger - 1755 - ARA NOT inv. no. 187 f. 427
-
gegevens:400 akkers, 128 slaven, koffie, cacao, kostgronden, tayer, bananen, moestuin, schapen, hoornbeesten, geiten, varkens, taxatie: Nf 139.973,30
eigenaar:Mijnnard Uijtwerff tot Amsterdam (1/2 deel) ; jhr: J: A: C: de ST: Aubin (3/8 deel) ; jvr: G: M: Aardenwijn (1/8 deel)
verzoeker:D: F: Dandiran, raad van Hof van Civiele Justitie, als gemachtigde van Mijnnard Uijtwerff tot Amsterdam en voogd over jkvr: G: M: Aardewijn ; J: en Ch: P: Bennelle, oud raden van Hof van Civiele Justitie, beiden voogden over jkvr: J: A: C: de St: Aubin
directeur:Michael Sweijger
gebeurtenis:…en overdracht van 1/8 deel van jkvr: G: M: A: Aardeijn door D: F: Dandiran aan Jb: en C: P: Benelle ten behoeve van jhr: J: N: C: de St: Aubin - 1755 - ARA NOT inv. no. 197 f. 471
-
gegevens:400 akkers, 128 slaven, koffie, cacao, tayer, bananen, negerkostgronden, moestuin, schapen, geiten, hoornbeesten, varkens
eigenaar:Meijnard Uijtwerff tot Amsterdam voor1/2 en andere helft jhr: J: A: B: St: Aubin
verzoeker:D: F: Dandiran, als gemachtigde van Meijnard Uijtwerff tot Amsterdam, Jb: en C: P; Bennelle als voogden over jhr: J: A: B: de St: Aubin
directeur:Michael Sweijger (afgaande) ; Samuel Colier (nieuw benoemde) - 1768 - ARA NOTinv. no. 696 f. 01
-
gegevens:400 akkers, 140 slaven, koffie, weidegrond, cassave, tayer, bananen, koren, pluimvee, schapen, moestuin, hoornbeesten, duiven, taxatie: Nf 177.665,12
eigenaar:J: van Hoven, gehuwd met J: M: Boge (1/2 deel) en minderjarige J: A: de St: Aubin (1/2 deel)
verzoeker:Is: Swenne, zaakgelastigde van J: van Hoven
directeur:Paul Mercier
archief Dienst der Domeinen, Paramaribo
- 1810 - meetcertificaat
-
Ter requisitie van de WelEdele Heeren W: H: Wilkens, M: J: Planteau en J: Lolkes als administrateuren der plantagie Rustenburg geleegen aan de rivier in boven Commewijne ter linkerhand opwaarts vaarende tusschen de plantagien Concordia en Betlehem, heeft den ondergeschreven gesworen landmeeter en rooijmeester dezer colonie gekarteerd bovengemelde plantagie Rustenburg volgens de gedaane meeting door den gesworen landmeeter N: Goetzee de dato 16 junij 1779 op bovengemeld plantagien Concordia en Betlehem, ter groote van 380 1/2 akkers met eene diepte aan de eene zijde van 77 1/2 kettingen en diepte aan de andere zijde van 76 1/2 kettingen, zo en in diervoegen als op deze kaart door de figuur geletterd ABC word aangeweesen.
Actum Paramaribo den 25 junij 1810
J: G: R: Bohm
